Repel's Blog

De onnavolgbare Repel en haar vier Daltons

Als elke log woordenloos moet wezen op Woordenloze Woensdag, prop ik de titel wel vol met woorden en laat ik de body woordenloos, prima, ik ben de rotste niet. Leuk he, een hele lange paarse titel, met heel veel woorden! Gelukkig is de log zelf woordenloos, want dat moet op Woordenloze Woensdag. Volgens het plaatje moet het woordeloos (zonder n) zijn. Ik mag dus niet één woord typen. Maar vast wel een heleboel, dan? Enfin, dit wordt mijn eerste woordenloze èn eerste woordeloze (zonder n) logje. Dus. Maar ik ben vanavond wel naar de poli oncogenetica. De eerste poli aller tijden (in mijn belevenis) die ’s avonds open is, dat dan weer wel. Niet dat ik woorden over vuil maak hoor. Dat dan weer niet. Dat schijnt namelijk niet te horen op woorde(n)loze woensdag. Op deze dag loggen we niet. En al helemaal niet over erfelijke tumoren. Gelukkig doe ik dat ook niet. De titel van deze woordenloze log is gewoon een beetje lang. Tot morgen. Op donderdag mag ik vast weer woorden spuien.

Advertenties

januari 13, 2010 Posted by | Repel | , | 21 reacties

In de categorie blunders: And the oscar goes to….

Zaterdag waren mijn gedachten de hele dag bij Vriendin. Een bizar en rusteloos makend gevoel had zich gesetteld in mijn onderbuik. Het idee dat ze bij haar zus zat die elk moment haar laatste adem kon uitblazen. Ik had de hele dag koude rillingen. In de namiddag stuurde ik haar een sms. Ik denk aan je…

Een paar minuten later krijg ik een sms van mijn baas. Een gedistingeerde man met ‘gewicht’ op kantoor. Ik begreep niet zoveel van zijn bericht. Langzaam bekroop me een onaangenaam gevoel. Ik had uit de lijst Recent Geadresseerden toch niet…per ongeluk…hem gekozen? Ik voelde de hitte van het schaamrood vanuit mijn nek omhoogkruipen richting kaken. Ik drukte naar de map verzonden berichten en keek. En jawel, daar stond het: laatst verstuurde sms aan mijn baas. Ik denk aan je. Met drie van die insinuerende puntjes op het eind. Ik denk aan je. Puntje, puntje, puntje.

Christus! Ik wist niet hoe snel ik moest sms’en om mijn fout te herstellen! Op dat moment vliegt de aardlekschakelaar eruit. En die van de buren ook. Manlief schakelt hem weer in maar ik kan mijn sms niet afmaken omdat de twee jongste Daltons boven heel hard aan het huilen zijn in het donker. Ze waren zich te pletter geschrokken. De aardlek vliegt er een tweede keer weer uit. Ik vermoed dat dat het moment is geweest dat wij de complete Bollenstreek zonder stroom hebben gezet. De frituurpan die aanstond was doorgebrand en maakte sluiting. Ik vind het persoonlijk bijzonder knap dat daarmee ook de aardlek van de buren eruit vloog.

Na 5 minuten kon ik eindelijk mijn sms sturen. Maar mijn gevoel van schaamte was daarmee niet weg. Mijn baas begreep het uiteraard direct, maar toch vond ik het tricky om hem vandaag onder ogen te komen. Mijn Roomy op werk viel zowat van zijn bureaustoel van het lachen. Dit ga ik nog heel, héél erg lang te horen krijgen op werk.

Pas een uur later bedenk ik me dat ik de bewuste sms nog steeds niet heb gestuurd aan Vriendin. Ik stuur hem alsnog. Vriendin sms’t vrij snel terug dat haar zus was overleden. Om en nabij het tijdstip dat ik de sms aan mijn baas stuurde.

januari 11, 2010 Posted by | Repel | | 28 reacties

Voor Altijd Afscheid

De voorspelling was weken, wellicht maanden. Het werd anderhalf jaar. Toen het duidelijk was dat het laatste station naderde, zou het een kwestie van dagen zijn. Het werd bijna een week.

Een jonge sterke vrouw van 36 jaar is vanmiddag overleden. Op de verjaardag van mijn moeder.

Ik ken de vrouw in kwestie een beetje, maar haar zus ken ik zoveel beter. Ik zorg sinds maandag voor haar poezenbeest. Ze blijft vannacht nog bij haar zus. En over een dag of 4 zal ik er zijn bij het afscheid. Voor mijn vriendin en haar dochter.

De vechtlust van Zus was groter dan de artsen konden voorspellen, je kan het een vrouw van (toen) 35 jaar niet kwalijk nemen. Zij heeft geknokt tegen de voorspellingen in met alle hoop. De familie heeft gehoopt, gesterkt door de wilskracht van de Dame in kwestie. De familie is nu op. De familie is moegestreden. En Zus van Vriendin heeft morgen niet gered.

Ik rouw. Voor een vrouw van 36 en haar weduwnaar. Voor de vrouw die ik ken van verjaardagen. Ik rouw voor haar zus en haar nichtje, voor haar ouders, voor haar vrinden. Maar met name voor haar zus. Mijn vriendin. Op de achtergrond doet het pijn dat mijn zus mij niet meer wil kennen…..het vertroebelt mijn verdriet om Zus van Vriendin.

januari 9, 2010 Posted by | Repel | | 28 reacties

Ware doodsverachting werd ware doodsangst

Vandaag was ik voor het eerst bang op de fiets….

Ik ben nooit bang op de fiets. Ik ben ook nooit bang te voet. Ik ben niet bang voor nacht en ontij. Ik fiets midden in de nacht door een donkere polder naar huis. Ik fiets bij sneeuw en ik fiets met storm. Ik ren als er 20 centimeter sneeuw is gevallen en ik ren als het ijzelt. Als Nederland plat ligt de maandag voor kerst vanwege het weer, fiets ik naar werk. De fietspaden zijn gewoon de beste keuze. Je hebt meer grip dan een brommer en je ‘voelt’ meer dan een auto. Vaak zijn fietspaden zelfs beter gestrooid dan de weg. Ik voel me gewoon het veiligst op de fiets.

Maar toen ik tijdens een van de vele dagen van gladheid afgelopen maand naar werk fietste, zag ik voor me een vader met een kind voor-, èn een kind achterop zijn fiets. En ik zag hem glibberen en glijden en ik zag hem een paar keer bijna gevaarlijk vallen, ik zag hem elke keer 5, 6, 7 keer overcompenseren met zijn stuur binnen 1 milliseconde. Mijn hart sloeg dan velen slagen over. De kinderen hadden namelijk geen fietshelm op. Weet je wat het is: een kindje in een fietsstoel in een riem kan zich niet opvangen. Kan geen armen uitstrekken om de val te breken. Sterker nog: het kan niet eens anticiperen op een mogelijke val! Als de fiets valt, is het hoofd van een kindje in een fietsstoeltje het eerste dat het asfalt raakt.

Ik heb die man vervloekt. De oen. Dat zou ik nooit doen…

Maar vanmorgen had ik de sneeuwval die in de middag zou vallen onderschat. De weg naar huis was zwaar en glad en gevaarlijk. Maar ik snap sneeuw inmiddels. Ik weet hoe ik moet fietsen door rul sneeuw, door geplet sneeuw, door aangekoekte-ijs-sneeuw,  en door pap-sneeuw. Ik val niet en ik fiets sneller dan alle andere fietsers…Repel’s sense of snow, zeg maar. En tja, mocht ik vallen….sois! Ik zal het aanvoelen en ik zal mezelf opvangen. Ik kwam dus heelhuids aan in Repelbuurdorp. Ik had niet anders verwacht. Maar moeilijk en zwaar was het wel.

Maar vandaag moest ik die kleine jongen van de crèche halen. Als ik had geweten hoe de weg eraan toe was, zou ik daar niet met de fiets hebben gestaan. Toen ik bij de crèche aankwam, had ik in de gaten dat het gevaarlijk was en dat een eventuele val niet uit te sluiten was. Maar ik had geen alternatief. Er rijdt daar geen bus en er was simpelweg geen tijd om eerst naar huis te fietsen om de auto te halen: de crèche kent ook zijn sluitingstijden. Ik moest hem wel halen met de fiets. Maar mijn moeder zat bij mij thuis op die andere twee Daltons te passen en popelde om naar huis te gaan, ook zij was niet blij met het weer en wilde direct naar huis. Ik ging daarom toch fietsen in plaats van lopen met de fiets aan de hand. Dat zou te lang hebben geduurd voor haar.

Dus daar ging ik, met een hele kostbare lading achterop: mijn Jongste. Jongste zelf kende overigens geen gevaar. Die gierde van het lachen om de sneeuw. Hij maakte mij het evenwichts-leven zuur door zoveel mogelijk om zich heen te kijken van liiiiinks naar reeeeeechts….en ik maar sturen, en concentreren…..ik heb meer spierpijn van deze rit dan van 10k binnen 55 minuten. Jongens, ik was echt bang. Voor het eerst in mijn leven was ik bang. Het bolleke van mijn Jongste achterop de fiets….ik heb tranen moeten inslikken toen ik thuiskwam: mijn moeder was bang om te vertrekken en de Daltons hoefden niks te merken.

Als vrolijke eindnoot…Jongste droeg uiteraard wel een helm. Zoals altijd draagt hij zijn helm. En man oh man, wat maakt hij er de blits mee. Als ik een euro zou krijgen voor elke dame die in katzwijm is gevallen vanwege Jongste+helm, zou ik mijn derde cruiseschip hebben kunnen kopen.

Volgende keer….helm met Jongste, voor nu zal iedereen het moeten doen met alleen de helm.

januari 4, 2010 Posted by | De Daltons, Repel | , , | 23 reacties

Go-go Gadget Watch!!!

***Update: ik finishte binnen de eerste 1/3 van alle vrouwen….en daarbij ook binnen de eerste 1/3 van mijn leeftijdscategorie…en dat voor een amateurtje nieuwbakken professional***

Vandaag liep ik mijn tweede loop van het loopcircuit in de regio. Ik loop de 10k. Elk loopje is in een andere plaats, hartstikke leuk. Het was vandaag daarbij zalig weer: koud met een zonnetje en nauwelijks wind…het was alleen een beetje glad. Ik liep voor het eerst een officieel loopje met mijn Super Duper Gadget Horloge. Het is een vervroegd verjaardagskado (ik kon niet wachten tot mijn verjaardag zelf): een loophorloge mèt ingebouwde GPS.

Ja-ha, het staat er echt: ingebouwde GPS. Mijn horloge weet waar ik loop, hoe snel ik loop, en hoelang en hoever ik loop. Hij houdt mijn hartslag bij en het aantal calorieën dat ik verbrand.
Tup-die-dub-die-dub Inspector Gadget, tup-die-dup-die-dup-poing-poing Oe-oe!

Als ik thuiskom van een loopje leg ik mijn Super Duper Gadget Horloge in de buurt van mijn computer (ik denk bij mezelf Go-go Gadget Watch!!!) en dan zegt mijn horloge uit zichzelf ‘bliep’ en zendt hij automatisch en draadloos de gegevens over zodat ook de iMac weet waar ik heb gelopen, hoever en hoelang.
Tup-die-dub-die-dub Inspector Gadget, tup-die-dup-die-dup-poin-poing Oe-oe!

Ik kan mijn loopje in de ‘player’ volgen met balkjes en grafiekjes en zo. En met mijn muis kan ik overal gaan staan en geeft hij in een pop-up de statistieken door op elke willekeurige meter van mijn loopje.

Tup-die-dub-die-dub Inspector Gadget, tup-die-dup-die-dup-poin-poing Oe-oe!

Of het aan mijn Super Duper Horloge ligt weet ik niet, maar ik liep weer binnen de 55 minuten vandaag. Bij het loopcircuit lopen we met chip, dus de officiële tijd zal ik vanavond op de website kunnen zien, maar mijn Super Duper Horloge zei 54’43”. En mijn Super Duper Horloge heeft natuurlijk gelijk.


januari 3, 2010 Posted by | Repel | , | 29 reacties

Coming to a grinding halt…

De bergruimte op zolder (die door een vreemde bouw-keuze van de vorige bewoners bijna even groot is als de slaapkamer van Oudste) was in de ruim acht jaren die we hier wonen dichtgeslipt. We gingen daarop vrolijk door met het neerkwakken van troep in het studeergedeelte van de zolder. Toen ook die ruimte zo vol was dat je er niet eens meer kon zitten gingen we gewoon door met het ‘eventjes tijdelijk’ neerkwakken van dingen op de kamer van Middelste. Verder verzuimden wij weg te gooien wat versleten was, incompleet was of kapot was. Ook verzuimden wij alle kadootjes die ooit in een happy meal zaten weg te gooien. Ik overdrijf een beetje, maar niet veel.

Op zich was ik ooit goed in weggooien, ik bewaarde niet alles en ik heb sowieso nooit veel moeite gehad met afstand doen van spullen. Maar als een klus te groot wordt om te overzien, laat ik het liggen. Dan wil ik eraan beginnen, maar dan kijk ik naar de omvang van de klus en zinkt de moed me subiet in de schoenen. Jaren, laat ik het zo liggen. En ik erger me groen en geel aan de troep en mijn weerstand groeit, en groeit, en groeit….tot ik plof. En dat plofmoment was dus deze week.

Ik begon met de kamer van Middelste. Uren ben ik bezig geweest. Toen ging ik in de woonkamer verder, in de trapkast. En toen moest de zolder eraan geloven. Als een Razende Roeland, als een Witte Wervelwind ga ik sindsdien door het huis. En ik kan niet meer stoppen. Ik ben nog niet tevreden met de kamer van Middelste: er moet nog meer weg. Met haviksogen flitst mijn blik heen en weer: dat is nog vies, dat moet nog weg, dat wil ik ook nog doen. Ik heb peper in mijn U-weet-wel.

Maar de vuilstort is dicht op zaterdagmiddag en Manlief werkt maandag: de tuin ligt vol met puin dat de eerste rit niet meekon. En geloof me: we hebben een grote auto! Ik moet nu stoppen anders verplaats ik het probleem naar de achtertuin en zitten we daar weer dagen met puin dat er ineens weken ligt omdat-het-er-maar-niet-van-komt. Nee! Basta! Als een Drill Instructor beveel ik Manlief heen en weer: “Nu, dat handdoekrekje ophangen, want dat ligt ook al twee jaar stof te vangen totdat het wordt opgehangen!”

Op momenten dat ik het beu ben loop ik even naar zolder om te kijken naar de ruimte. (Oh ja, daar doe ik het voor.) En dan ik raas weer verder alsof ik in fast forward sta. Maar ineens, als ik thuiskom van de boodschappen, staat de tuin vol met kerstbomen. Oudste en Buurjongen struinen de buurt af naar kerstbomen. Iets met inleveren op woensdag en een lot voor een loterij ontvangen. De term Playstation 3 is gevallen. I come to a grinding halt. Ik zak verbijsterd in een stoel en laat mijn hoofd moedeloos hangen. Dan pak ik een glas wijn en kruip ik achter de cumputer…de boog kan niet altijd gespannen zijn.

januari 2, 2010 Posted by | Repel | | 28 reacties

Dat kan je op je buik schrijven!

Mijn zus kan niet ouder zijn geweest dan 12 jaar toen mijn moeder tegen haar riep: “Dat kan je op je buik schrijven!
Het was het antwoord op de vraag: “Mag ik ook een glas Martini?”
Mijn zus pakte vervolgens een pen en schreef met hele grote letters ‘MARTINI’ op haar buik. Maar nog steeds kreeg ze geen glas Martini.

Ik kan met dikke permanent marker, met grote letters, de zinsnede “RUSTIGER VAARWATER” op mijn buik schrijven. Want ook dat ga ik niet krijgen.

Ik ga niet in detail terugblikken op deze oudejaarsdag, want 2009 was gewoon geen bijzonder jaar. Het was gewoon een jaar met hele hoge pieken en hele diepe dalen. Een jaar met heel veel geluk en heel veel verdriet. Een jaar met heel veel liefde en met afscheid nemen. Per saldo was 2009 geen slecht jaar, hoe woelig de wateren ook waren.
Maar ik ben eigenlijk de laatste jaren niet anders gewend van een jaargang. Ik heb er lang en diep over nagedacht. Ik weet niet of het nou komt omdat ik een gezin heb, of omdat het de tijd is waarin deze wereld leeft, of dat het mijn leeftijd is. Maar ik denk oprecht dat ik pas in rustiger vaarwater terecht zal komen zodra ik licht dementerend in het bejaardentehuis zit. Ik denk oprecht dat rustiger vaarwater tot die tijd niet meer bestaat.

En is dat erg? Ik weet het niet. Misschien niet. Waarschijnlijk niet. Want in woelige wateren leef je intens, sta je stil bij wat je hebt, waardeer je door het slechte het goede nog meer en valt er beterschap te halen en te beloven. En ik hou per slot van rekening ook van achtbanen.

Mijn enige goede voornemen: niet zeggen tweeduizendtien, maar consequent twintig-tien tegen het jaar dat gaat komen. Doen jullie mee?

Dit plaatje heeft helemaal niks met deze log te maken, maar het is wel een heel mooi plaatje.

december 31, 2009 Posted by | Beslommeringen, Repel | | 19 reacties

U kunt zich melden bij de poli erfelijke tumoren

Ik ren niet meer achter mijn tiet aan.
Ik ren weer gewoon lekker op weg naar de volgende prestatieloop, op weg naar mijn volgende record.
Ik vermoed dat ik ga bibberen en glibberen, zondag aanstaande. Het schijnt koud te worden. Jummie, lekker.
Ik ben er klaar voor. En ik heb er nu al zo ontzetten veel zin in!

Vandaag pakte ik De Enveloppe weer even op, tegen alle afspraken in. Ik las alles nog eens goed door en zag toen pas dat ik die pokke-vragenlijst eigenlijk z.s.m. had moeten retourneren. Ja sorry, oeps. Moet ik me zorgen maken om het feit dat deze fout van mij mij aan mijn reet roest?

Morgen op werk ga ik de kolere-lijst invullen. Wie er dood ging en waarom en op welke leeftijd.

Vanavond heeft Manlief mij gelaten. Ik heb lang in het donker voor het keukenraam gestaan. Uiteindelijk heb ik hem verteld waar ik nu sta. Voor zover mijn wijsheid strekt, heb ik alle mogelijke senario’s de revu laten passeren…en ik heb bedacht welke acceptabel zijn en welke onder geen beding.  Manlief keek me aan, en gaf me vervolgens een van de meest liefdevole knuuffels die ik ooit heb gekregen…

***coda***

De enveloppe zei dat de uitslag van het onderzoek (als dat al plaatsvind) wel 3 tot 6 maanden kan duren…

Dat gaat de Repel dus niet afwachten. Toch?

december 29, 2009 Posted by | Party of Five, Repel | , | 20 reacties

On the fourth day of Christmas…

On the fourth day of Christmas werd ik moeder. Acht jaar geleden.

Tot die dag was ik Repel. Ik was een echtgenote, ik was een dochter, een zus, een nichtje en een vriendin.

Oudste maakte mij een moeder. Op 28 december 2001.

En al acht jaar lang maakt Oudste mij gelukkig en trots. Gelukig en trots dat ik de moeder van deze jongen mag zijn.

Nog eens acht jaar en hij mag op de brommer.
Nog eens acht jaar en hij zal een kop boven mij uitsteken.
Nog eens acht jaar hoop ik dat hij mij nog steeds een afscheidskus wil geven als ik naar werk ga.
Nog eens acht jaar zal hij hard richting volwassen gaan.

Ik weet zeker dat hij een schitterende vent gaat worden. Zowel qua karakter als qua uiterlijk.

december 28, 2009 Posted by | De Daltons, Repel | , | 33 reacties

Rennen of vluchten, that’s the question

Sinds Oktober Borstkankermaand KnobbelInBorstOntdekMaand is mijn hardloopgedrag een tandje of twee fanatieker geworden. Ik vond hardlopen altijd rustgevend en kalmerend en enerverend tegelijkertijd, maar sinds oktober werd het hardlopen ook een vergeetmechanisme. Ik rende heel hard weg voor de knobbel in mijn borst.

Maar je borsten zitten aan de voorkant van je lijf, dus hoe hard je ook loopt, je blijft- plastisch uitgedrukt- letterlijk achter de feiten aanhollen. Weglopen (héél hard) heeft dus geen zin. Mijn tiet loopt gewoon héél hard voor mijn feiten uit.

Hardlopen vind ik heel, heel fijn. Met tussenpozen loop ik al sinds begin jaren negentig. En het maakt niet uit of ik er jaren mee stop: zodra ik het weer oppik, ben ik er goed in. Er gewoon heel erg goed in. Ik heb er het lijf voor. En ik heb er de instelling voor. Sterker nog; het is een van de weinige dingen waarvan ik, zonder twijfel, zonder enige terughoudendheid, keihard en heel arrogant durf te roepen dat ik er verschrikkelijk goed in ben. En ik vind het leuk. Heel erg leuk. Ik hou van de kadans, ik hou van het zweten, ik hou van het tot snot gaan voor een goeie tijd. Ik hou ervan om achteraf een kwartier onder een gloeiendhete douche te staan. En ik hou van het gevoel dat ik heb na die douche.

Dus ik wil niet hardlopen om te vluchten. ik wil mijn hardlopen niet vervuilen met plaatsvervangende negatieve meuk. Dus heb ik een paar dagen geleden de knop omgezet:

Ik ren niet meer ergens van weg, ik ren weer ergens naartoe. Net als in het pré-knobbel tijdperk. Zoals het hoort. Toen was mijn doel de 10k binnen het uur en wellicht later binnen 55 min. Dat doel heb ik allang gehaald. (Been there, done that…hihi, ik ben goed in hardlopen…)
Vanaf nu is hardlopen weer gewoon hardlopen en Knobbel in Tiet mag lekker voor me uit lopen. Hij mag mijn haas zijn. Hardlopen is weer leuk rennen naar mijn volgende doel: de halve marathon.

Vandaag rende ik een heel lang loopje door de sneeuw. Ik rende 12k door het weeralarm heen. Ik rende door de sneeuw en in de sneeuw. En ik genoot. Het was zo mooi. Door de polder, door het park, langs de sneeuwpoppen en langs de sneeuwbalgevechten. Door losse sneeuw hardlopen is net als lopen door mul zand. Loeizwaar. Vandaag was hardlopen weer genieten. Mijn knobbel is 13 januari pas weer aan de beurt.

december 20, 2009 Posted by | Repel | , , , | 24 reacties

De Grote Boze Buitenwereld

Voor het eerst in de opvoeding van onze kinderen staat de boze grote buitenwereld op de stoep. Sterker nog: in de klas.

Het was vandaag de laatste ochtend voor de kerstvakantie en het was de zogenaamde speelgoedochtend. De kinderen hadden de middag vrij en de ochtend zou er alleen gespeeld worden en ze mochten speelgoed van huis meenemen. Onze twee oudste Daltons togen aldus met hun Nintendo DS richting school. Om 12 uur pleegde ik vanaf werk een telefoontje naar huis om te informeren hoe het was geweest. Ik kreeg Oudste aan de lijn:

Ik: Hoe was het?
Hij: Het was een dag met een vraagteken
Ik (verbaasd): Hoezo?
Hij: Mijn DS was kwijt. We gingen buitenspelen en toen we terugkwamen was mijn DS weg
Ik hing aan zijn lippen
Hij: Van de juf mocht niemand weg tot mijn DS was gevonden
Ik hoorde mijn hart bonzen…de DS was dus niet zomaar kwijt, maar gejat. In groep 4, mind you. Ik wilde razen en tieren, maar ik wilde eerst luisteren
Hij: Ze heeft in de jassen gekeken en in de tassen en uiteindelijk vond ze hem in de tas van klasgenootje X
Mijn brein draaide overuren…
Hij: Maar X wist ook niet hoe die daar kwam. Gek he? Dus het was een dag met een vraagteken
Ik slikte De-Vloek-Der-Vloeken-Aller-Tijden in….
Ik: Gelukkig is je DS terecht! We praten er vanmiddag wel verder over

’s Middags bleek dat ik Oudste niet zoveel hoefde uit te leggen. Hij zei: “Of het was X, of het was iemand die X niet mag en hem de schuld wil geven. Maar X was de enige die naar binnen is geweest tijdens het buiten spelen”

X is de jongen die vaak in te kleine schoenen loopt en in te kleine broeken.
X is degene die zijn schoen vaak voor Sinterklaas heeft gezet zonder dat er iets in zat.
X is degene die het heel erg slecht doet op school.
X is degene die het sociaal moeilijk heeft om mee te komen.
X is degene die altjd straf krijgt, altijd vecht.
X heeft geen vriendjes , wordt nooit gevraagd op partijtjes.
X is nog maar 7 jaar oud.

Voor Oudste is school een eitje; hij loopt anderhalf jaar voor.
Voor zover het in onze macht ligt, geven wij hem het warmste nest dat we kunnen geven.
Oudste krijgt alles wat zijn hartje begeert. Sterker nog: en nog heel veel meer.
Oudste heeft twee grote beste vrienden en hij heeft zijn sport.
Oudste heeft zelfvertrouwen.

X steelt (vooralsnog nog steeds ‘allegedly’) de DS van mijn kind. Ik zou uit mijn plaat moeten gaan, als moeder, en hem willen kielhalen. Toch? Nee. Niet zo. Stelen is niet goed, maar de ernst moet je niet alleen meten langs de morele lat van de kille daad gezien vanuit de blik van een volwassene. X loopt in schoenen die hem te klein zijn. Letterlijk. In kleding die hem te klein is. X is een buitenbeentje. Geen DS hebben op speelgoedochtend is daar alleen maar een symptoom van. Ik bedacht me dat X zomaar slachtoffer kan zijn van een “gelegenheid maakt de dief”-moment. Hoe dan ook: stelen is niet goed, maar het kind is 7, het is als buitenbeentje zijnde nu ook nog publiekelijk aan de schandpaal genageld door de controle van de juf. Terecht, heus wel, maar het lijkt me meer dan straf genoeg, zeker gezien zijn sociale positie op de ladder in die klas. Want het ventje is er niet mee geholpen, wordt er niet beter van. Ik weiger te geloven in een straf die alleen maar recht doet aan boetedoening…al helemaal als je pas 7 bent. Maar ik heb zijn vader gezien: het zou zomaar kunnen dat de straf van zijn vader, als hij het te weten gaat krijgen, weleens oneindig erger zou kunnen wezen dan mijn morele standaard ver gaat. Kortom: hoe je het ook wendt of keert….X  trekt aan het kortste eind. Hij heeft straf, al zijn klasgenootjes weten het, hij heeft nog steeds geen vriendjes en hij heeft nog steeds geen DS. En het kan alleen maar erger worden. En hij is pas 7. Oudste daarentegen heeft zijn DS nog steeds, hij heeft het begrip van zijn ouders naar aanleiding van zijn eerste ervaring met diefstal en hij heeft zijn beste viendje te logeren.

Ik pieker en ik peins. Na de vakantie ga ik met juf praten. Ik ga sowieso geen contact opnemen met de ouders van X. Ik heb wel gepraat met Oudste. Ooit heb ik hem moeten uitleggen dat enge mensen met enge bedoelingen er niet perse eng uit hoeven te zien maar soms juist erg lief over kunnen komen als ze je willen meenemen vanuit de speeltuin, of zo. Nu moest ik uitleggen dat je je fiets op slot moet zetten en je geld moet opbergen….ook voor klasgenootjes, ook voor elftalgenootjes, ook voor…iedereen, basically.

Eigenlijk weet Oudste het wel. Eigenlijk heb ik het voor mezelf moeten uitleggen. Het liefst zet ik mijn fiets op werk ook niet op slot. We zijn toch collega’s? Eigenlijk laat ik ook het liefst mijn tas slingeren als ik met vrienden weg ben…we letten toch op elkaar?

Als klap op de vuurpijl legt Oudste nog eens aan Middelste uit waarom hij niet zomaar moet weglopen uit de speeltuin zonder het aan papa of mama te vertellen. Zijn morele kompas wijst zonder enige afwijking, haarfijn naar het noorden. En zijn kompas is loodzwaar. Had ik hem niet een beetje woede moeten bijbrengen, in plaats van begrip? Want begrip heeft hij zat. Maar heeft hij wel genoeg boosheid en weerstand?

december 18, 2009 Posted by | De Daltons, Repel | , | 35 reacties

Pas als

Pas als de kerstvieringen van school in de avonden zijn gevierd;
Pas als ik heb bijgeklept met Vriendin die langskomt;
Pas als wij uit eten zijn geweest voor ons jubileum;
Pas als Oudste en ik naar Feyenoord zijn geweest;
Pas als ik verkleed de kerstloop van 10,5 km heb gelopen;
Pas als ik heb geshopt voor een verjaardagskado voor Manlief;
Pas als er 3 strijken zijn weggestreken;
Pas als er 5 wassen zijn gedraaid;
Pas als er 10 wassen zijn opgevouwen en opgeborgen;
Pas als ik vrij heb van werk ergens eind volgende week;
Pas als De GRote Kerstboodschappen zijn gedaan;
Pas als ik mijn voorkant heb gevonden om te checken of ik van achteren nog leef…

Pas dan heb ik tijd om weer te loggen en te lezen. Tot die tijd is de log een weekje in winterslaap.
Welterusten. Het is ongelofelijk maar waar: De Repel heeft geen tijd voor haar log en haar medebloggers. De Repel heeft iets verkeerd aangepakt omtrent haar prioriteiten 😉

december 16, 2009 Posted by | Beslommeringen, Repel | | 18 reacties

Komt een vrouw bij de kapper

Komt een vrouw bij de kapper. Ken je die? Van die vrouw die bij de kapper komt? Nou, d’r komt een vrouw bij de kapper…

Daar zat ik in de kapperstoel met mijn smeekogen: “HELP MIJN HAAR VALT UIT!”. Kapper keek naar mijn haar en liet zijn handen erdoorheen gaan. Heb je stress gehad, vroeg hij. En toen zat ik daar ineens te huilen in die stoel. Waar dat nou ineens vandaan kwam wist ik niet, maar ik zat ineens te janken. En niet om mijn haar.
Kapper ging verschrikt een kopje koffie halen en ik deed na dat bakkie troost mijn verhaal. Kapper en ik kennen elkaar al een paar jaartjes: hij heeft mijn bruidshoofd nog gedaan. Hij is behalve een hele goeie knipper ook een hele goeie kapper in die zin dat hij net de plaatselijke dominee is: je kan er altijd je verhaal kwijt.

Zijn kundige mening: mijn haar is alleen maar verzwakt. Ik word niet kaal. Je haar is een graadmeter van hoe het met je gaat. (Tja, dacht ik met mijn bio-achtergrond: sneldelende cellen, kan wel kloppen.) Er zitten geen kale plekken: overal zit haar, uitvallend haar en nieuw haar. Maar ik hoef niet bang te zijn dat ik kaal word. Maar mijn haar zit in een versnelde fase: het valt sneller uit, maar het komt ook sneller terug. Dat het gebeurde na het verven, had niks met het verven zelf te maken. Dat was een soort toeval toeval: dat was hetzelfde als door je rug gaan op de dag dat je eindelijk vakantie hebt. Hij vertelde me welk vitaminesupplement zou moeten werken. En ik vertrouw hem wel. En als de plaatselijke dominee, psycholoog en medicijnman zei hij ook welk supplement goed voor het rennen was (hij rent zelf ook), want ik moest mezelf niet uitputten, dit middel was goed voor het herstel van mijn spieren.

Vervolgens kapte hij me schitterend, er hoefde maar een centimeter of vijf van af, en verdomd als het niet waar is, hij knipte en föhnde er een derde van het volume bij.

Heur haar met een stukkie boom en de mooie krans van Tuttemerrul. (De boom is zwart-zilver, die gekleurde dingen zijn chocolaatjes, geen ballen!)

december 13, 2009 Posted by | Repel | , | 22 reacties

Mijn haar. Mijn ijdelheid der ijdelheden

Mijn haar.

Na de geboorte van Oudste besloot ik, de oen die ik was, om het af te laten knippen. Dat hele lange was zo handig niet met een baby, dacht ik toen als kersverse moeder. Dus ik liet een ‘vlotte korte bob’  knippen. Maar al heel snel had ik spijt van als haren op mijn hoofd, en sindsdien ben ik bezig het weer lang te laten groeien. En nu is het eindelijk weer zo lang. Het is verschrikkelijk lang. Ik en mijn lange haar, mijn lange haar en ik.

Toen ik een knobbel in mijn borst voelde was het niet het eerste waar ik bang voor was. Ook niet het tweede en ook niet het derde. Maar ergens al heel snel schoot chemo = kaal door mijn hoofd. Mijn haar, mijn lange haar! Toen de knobbel goedaardig bleek ben ik 10 kilometer gaan hardlopen en voordat ik ging douchen ging ik mijn haar verven. Ik doe het heel vaak tussen twee kappersbeurten door; ik grijp een willekeurig merk uit een willekeurig schap en het gaat altijd goed. Maar niet deze keer. Toen de verf was uitgespoeld en de cremespoeling 5 minuten was ingetrokken, ging ik die uitspoelen. En toen voelde ik ‘iets’ langs mijn kuiten en ik keek naar beneden:

Complete strengen haar liepen langs mijn lijf het putje in. Hele plukken haar vielen uit mijn hoofd. Mijn hart schoot in ritme 200 en ik voelde al mijn bloed naar mijn hoofd schieten: MIJN HAAR!!! HELP!!! Ik dacht meteen aan die ziekte waarbij je helemaal kaal wordt, dat je geen haar op je lijf meer overhoudt, ook geen wimpers. De volgende ochtend toen ik wakker werd durfde ik bijna niet naar mijn hoofdkussen te kijken. ik was ervan overtuigd dat de rest van mijn haar daar lag.

Dat bleek niet het geval, maar ik heb twee weken lang enorme haaruitval gehad. En ik heb wel honderd euro uitgegeven aan haarmiddeltjes, haarwater, vitaminepillen, smeerseltjes, antihaarbreuk, …, noem maar op. En verhip, de ergste uitval lijkt nu te zijn gestopt. Maar ik denk dat ik een derde kwijt ben. Maar ik weet het niet zeker. Ik beijk alle foto’s van het afgelopen jaar onder een loep. Is het minder erg dan een derde, of erger? Zaterdag moet ik naar de kapper: hij mag het niet verven, hij mag het niet föhnen. Hij mag kijken en mij vertellen wat de schade is. Hij mag me ook zeggen dat hij alweer nieuwe haartjes ziet komen. Ik ben bang dat hij gaat zeggen dat er een heel stuk afmoet. Oh, mijn lange haar. Mijn dunne lange haar.

Ik weet dat het raar klinkt, maar het is een deel van mijn identiteit, een deel van mij, mijn haar. Nog meer dan mijn borst, mijn stomme borst met die eeuwige stomme rotknobbels. Ik raak nog liever dat ding kwijt dan mijn haar.

december 10, 2009 Posted by | Repel | , | 22 reacties

He! Er is geen bal op de tv…alleen een film met…

We schrijven 1989. Het begin van de commerciële televisie in Nederland. Heetten ze Veronique, of RTL10 of zo? Hoe dan ook, ze begonnen met het uitzenden van een juweeltje genaamd As The World Turns. En de Repel kijkt anno nu, 2009, al 20 jaar naar dit culturele hoogstandje. Gisteren kwam het nieuws dat het Amerikaanse CBS de stekker eruit trekt. De Repel is in shock; wat moet ik zonder Lucinda, zonder Holden, zonder Carly?
Blijft er dan niks over dan Dr. House en mijn logwereld?

Ik moet serieus mijn wereldbeeld gaan bijstellen zonder Oakdale, tjemig.

december 9, 2009 Posted by | Repel | | 21 reacties

DNA

Ik was een beetje vergeten te vertellen dat er een dikke enveloppe van de poli Genetica op de mat lag.
Afspraak staat in januari, dikke stapels formulieren moet ik invullen.
Niks doen en jaarlijks afwachten lijkt ineens heel erg aantrekkelijk. Wegsnijden en onbezorgd tietloos verder leven lijkt ineens ook erg aantrekkelijk, gek genoeg. Deze dikke, dikke enveloppe op 5 december op de mat was niet aantrekkelijk.
De afspraak staat exact 1 week voor mijn 39e verjaardag. Zelfs vergeetachtige Repel heeft daar geen agenda voor nodig.
Kom meid, jij Repel jij, we kunnen ‘m hebben. Maar we gaan eerst morgen hollen…nu ga je lekker slapen…

december 5, 2009 Posted by | Beslommeringen, Repel | 13 reacties

Elementary, my dear Watson: je krijgt wat je geeft…

Ik was van plan…

Ik was van plan een fotologje te maken over hele lieve mensen.
Over lieve mensen uit mijn vriendenkring en lieve mensen uit mijn internetvriendenkring.
Want ik heb zoveel kadootjes gekregen de afgelopen tijd.
En 5 december leek me nou bij uitstek dé avond om daar over te verhalen.
En een dank-je-wel-of-wat uit te delen.

Ik kreeg namelijk troostkadootjes, ik kreeg vriendschapskadootjes en ik kreeg kadootjes uit loglandacties.
De term ‘kadootjes’ moet je in de breedste zin van het woord opvatten: ik kreeg zowel heuse echte fysiek tastbare kado’s, als virtuele kado’s met mooie intenties.
Kado’s in de breedste zin van het woord: ik heb zoveel steun ontvangen dat ik er bijna van omviel.

Ik was van plan een logje te plaatsen met foto’s die ik heb gemaakt van een aantal van die kado’s. Maar mijn mooie nieuwe lens (die zo nieuw niet meer is, ja ja, ik zal de disclaimer er zelf maar bij plaatsen) is nogal dik en groot (size does matter). En als ik probeerde foto’s van dichtbij te maken, was de lens zo dik dat de geïntegreerde flits van mijn camera vaak een schaduw van de lens over het beeld maakte.

Vandaag heb ik een flitser (liefkozend ‘fliepser’ genoemd) gekregen van Manlief, van mijn lieve man, mijn man zo lief. Een heuse externe profi fliepser met batterijen. En met mijn nieuwe fliepser maak ik zulke mooie foto’s met mijn (niet meer zo nieuwe) lens, dat ik de pré-fliepser foto’s met schaduw niet meer wil plaatsen. En dat is helemaal niet erg.

Want zij had zelf al een hele mooie foto gemaakt van de kaart die ze helemaal speciaal voor mij maakte in speciaal voor mij geselecteerde herfstkleuren toen ik een knobbeltje in mijn borst ontdekte. Om me een hart onder de riem te steken. Ze houdt niet van seriewerk, ze is exclusief…dus als jullie ooit eens een hele speciale, unieke kaart willen…ik weet wel een adresje. Onbekenden van ons zijn zij en haar Lief overigens sowieso niet. Haar Lief was degene die deze onvergetelijke maakte van mijn lief. Ik kreeg kaarten van velen van jullie en ik kreeg zelfs een eigen beschermengel, ik logde er al eerder over. En toen ik een keer zakelijk iets bestelde bij haar was ze teleurgesteld toen ze erachter kwam dat de bestelling kwam van iemand die ze al langer kent onder de naam “Repel”. Want dan zou ze wat extra’s hebben gedaan. Maar wat ze voor de, voor haar, anonieme besteller had gedaan was al zo verzorgd, zo speciaal en zo fijn dat ik het eigenlijk heel bijzonder vond: dit allemaal voor een anonieme eerste klant…wow…dat is bijzonder. Het tweede pakketje kwam met extra’s; ze kent me inmiddes bij naam en toenaam. Mijn mams vond mijn sieraad zo mooi dat ze het zelf ook wil hebben. En ik heb het voor haar besteld. Met het verzoek aan die mooie dame van tuttemerull dat het in januari moet worden bezorgd, op het adres van mijn mams, op haar verjaardag. Mijn mams gaat zo’n mooi pakket vast net zo fijn vinden als ik, zo niet nog fijner. Zij heeft ook al meerdere keren iets liefs gestuurd. En ik deed vervolgens iets spontaans toen bleek dat zij degene was uit logland die niets had gekregen uit Cisca’s actie. Ik vond dat oneerlijk, dus vandaag ging er een pakketje voor haar de deur uit. Een mensch mag ook wel eens iets goeds doen uit zichzelluf. Dat heb ik namelijk van haar geleerd:

“Je krijgt wat je geeft. Maar niet persé van dezelfde persoon, want dat zou saai zijn.”

Het is mijn nieuwe motto. En ik vaar er wel bij, mag ik zeggen.

Maar goed. Enough said. Tijd voor foto’s van mijn niet meer zo nieuwe lens in combinatie met mijn gloednieuwe fliepser.

Watson

En Sherlock

december 5, 2009 Posted by | Repel | | 14 reacties

Mijn eerste keer: mijn uithoudingsvermogen wordt officieel vastgelegd

Zenuwachtig sta ik daar. Ik ben er een half uur te vroeg en ga wel drie keer per tien minuten naar de WC. Ik weet dat ik conditioneel die 10 kilometer met gemak en met één vinger in mijn neus aankan. Maar, ik heb het nog nooit voor het echie gedaan. Met een omroeper die heel Repeldorp kan horen en een rugnummer en met verkeersregelaars en met publiek. Ik ben in mijn uppie gekomen op de fiets. Ik heb geen eigen supporters bij me: Manlief is geveld door een hele nare oorontsteking ten gevolge van een oorperforatie bij een duikoefening. Lees: zijn trommelvlies is geklapt in den diepe, het oor lekt prut en Manlief heeft koorts en hoort geen moer en luistert dus ook voor geen meter, al zou hij het willen. (Pokke-brandweer.)

Ik ging aldus alleen, en met de zenuwen in mijn buik. Ik heb de 10 k in de benen, heus wel, maar ik snapte geen reet van de routebeschrijving. Mijn eigen looprondje lijkt zelfs een beetje op het rondje dat ik nu 2 keer moest doen in mijn bloedeigen durrep, maar ik snapte het niet en ik ben nerveus. Net alsof het mijn eerste schooldag was, liep ik met de zenuwen in mijn benen/blaas de kantine in. Ik moet me inschrijven….waar? Ik weet het niet! Mijn stoere gloednieuwe, pas 1 keer gedragen winter-outfit valt in het niet bij het profi-materiaal dat ik om me heen zie. Ik denk ineens dat ik het niet meer kan en ik ga maar weer een keer plassen. Ik heb mijn rugnummer heel netjes en nauwkeurig op mijn rug geprikt. En dan ineens zie ik om me heen àlle andere lopers met het nummer op de buik. Mental note to self: volgende keer nummer op buik prikken! You stupid woman!

Tegen de tijd dat ik voor het eerst onder een heuse digitale wedstrijdklok door mag lopen bij de start/finish, zijn mijn zenuwen weg. Het is guur, het is koud, het regent en het snijdt in mijn gezicht. Dit is mijn weer en 10 k is mijn afstand. Het startschot klinkt…iedereen juigt en pas als de klok op een seconde of 20 sec staat, loop ik door de start.

Na een meter of 200 drukte, heb ik pas ruimte om ‘mijn’ tempo te lopen. Ik zak in mijn tempo en ik hol. Ik haal in en ik word ingehaald. En na een meter of 800, lopen hij en ik ineens bij elkaar. We lopen gelijk; ons tempo is gelijk. Hij is een oudere man en mij totaal onbekend. Maar elke verkeersregelaar kent hem en elke supporter langs de weg kent hem. We lopen bij elkaar in de buurt en na een poosje lopen we naast elkaar, zo besluiten we dat zonder een woord te wisselen. Hij is duidelijk de ervaren loper. Ik ben net loper genoeg om te weten dat hij degene is die mij heeft uitgekozen vanwege mijn tempo, en dat hij degene is die het ‘constant lopen’  in de gaten houdt. Acht, 8 (!) kilometer lang lopen we naast elkaar. Nog steeds zonder een woord te wisselen. Maar wel op een-haar-na-aanraken-naast elkaar, expres. Is er een loopterm voor body language? Dat was het namelijk:  we hielden elkaar in de gaten bij bochtjes en bij inhalen. We bleven bij elkaar, we hielden de pas in, of we zetten even aan bij een hobbeltje om bij elkaar te blijven. Hij zei af en toe ‘dag’ en ‘hallo’ tegen letterlijk iedereen die hem onderweg herkende. Ik zei niks en herkende niemand, maar ik volgde zijn pas en hij de mijne. Toen we bij 9 kilometer waren, wist ik dat ik dit tempo had volgehouden dankzij hem. Ik was moe en zou net wat langzamer zijn gezakt zonder hem, zeg maar 10 seconden langzamer per kilometer. Maar we liepen samen, dus we lopen samen. Hij was mijn haas. Zo noem je dat in rennerstermen. Ik hield het tempo vol dankzij hem.

Op 9 kilometer zegt hij: Ik ga wat langzamer want ik ga toch voor de 15, hou vol en succes! De laatste kilometer hou ik vol in het tempo dat hij me de laatste 3 kilometer heeft gedicteerd ondnks de vermoeidheid. Ik kom over de finisch in 57 minuten en 10 seconden. Maar omdat ik niet exact weet waar de klok stond toen ik eronderdoor liep, laat staan dat ik corrigeer voor de eerste 200 meter, houd ik het op 57 minuten rond. Het kan alleen maar sneller geweest zijn.  Ik ben nog nooit zo hard gegaan, Het was een PR. Ik heb vanmiddag direct een multomap gekocht. Daar komen mijn loopjes in, met details. En al mijn startnummers. En mijn medailles.

Mijn eerste medaille heb ik vandaag met tranen van trots in mijn ogen in ontvangst genomen.  En ik schaamde me nul. Hier ben ik oprecht, heel, heel trots op. Toen ik thuis kwam, werd ik letterlijk met open armen ontvangen en de Daltons wilden weten: heb je het gehaald? was het leuk? Supporters hoeven niet perse bij de finish te staan…

 

november 29, 2009 Posted by | Repel | , | 26 reacties

Een nóg groter geheim dan Sinterklaas

Mijn vader en zijn vriendin hebben iets doms gedaan. Nou ja, eigenlijk hebben ze iets slims gedaan, maar toen draaiden ze door en deden ze iets doms. En toen hebben wij ook maar iets gedaan. Laat het me uitleggen.

Zij heeft besloten ontslag te nemen en nu zijn ze vrij om te gaan en staan waar ze willen. Dat was het slimme idee. Zij stopte met werken omdat wachten tot het kon/mocht, zou kunnen gaan wringen in de tijd. Mijn vader is namelijk nogal wat ouder dan zij is. De jaren om nog dingen te kunnen doen zonder enige vorm van serieuze fysieke belemmeringen zijn nu. Over 10 jaar liggen de kansen wellicht anders. Op het moment dat zij met pensioen kan, is hij al heel wat jaartjes verder. En al heb je dan nog heel veel jaartjes, fysiek ben je op je 75ste niet meer wat je bent op je 65ste, laten eerlijk wezen. Dus dat zij ontslag nam was de slimme aktie.

Dat ze vervolgens als een stel jonge honden impulsief 5 maanden naar La Palma boekten, was een iets minder slimme aktie. Wij vonden het prima hoor, we gingen ze wel missen, maar ja: ze zijn vrij om te gaan en staan en te genieten waar ze willen, dus dat moeten ze vooral doen. Maar naarmate het tijdstip van vertrek naderde begonnen ze tekenen van spijt te vertonen. Vijf maanden was toch wel héél erg lang. En ze hebben 6 kleinkinderen…6 maanden de kleinkinderen niet zien. Pfoeh! “Wellicht hadden we beter 2 maanden kunnen boeken”, begonnen ze schoorvoetend toe te geven…

Dus ze hadden het over halverwege een keer terugkomen, dus ze hadden het over dat wij een keer konden konden langskomen. Ze tobden wat af. De optie dat zij een keer zouden terugkomen was wel een hele dure optie en wij kunnen het ons ook niet veroorloven om met z’n allen langs te gaan zonder onze zomervakantie te schrappen. Het plan ontstond dat Oudste in februari een week langs kon komen, alleen. Maar toen botsten we aan tegen het feit dat angstige Oudste dat nog net niet aandurfde: hij wilde heus wel een week alleen bij opa en oma, maar hij durfde niet alleen te vliegen. En omdat hij twijfelde, durfden wij het al helemaal niet aan.

Dus opa en oma vertrokken en ze waren een beetje sipjes. En wij ook. Hier thuis gingen wij ook wikken en wegen. Oudste huilde de tranen uit zijn hoofd: hij ging opa en oma zo missen, 5 maanden was veel te lang. Sindsdien bellen Oudste en opa en oma elke week en sturen ze kaartjes. Manlief en ik hebben het er vaak over gehad en we gingen uiteindelijk om: mama en Oudste gaan samen naar La Palma in de februarivakantie. De ticket van Oudste wordt mede gesponserd door opa en oma, de goedkeuring om te mogen gaan en de geruststelling dat hier thuis alles goed gaat heb ik in drievoud op zak van Manlief.

Oudste blijkt ondertussen al die tijd te hebben verkondigd dat hij “zeker weten” zou gaan met mama, al wist hij dat het verre van zeker was. Lange tijd hebben we niet geweten of we de financiën rond zouden krijgen, of dat het aantal vakantiedagen voor 2010 toereikend zou zijn. Nu wij achter de schermen hard hebben gewerkt om het voor elkaar te krijgen en hij achter de schermen hard heeft gewerkt om het voor elkaar te krijgen, hebben we nog een besluit genomen. We laten hem bewust nog even bungelen: het gaat allemaal niet vanzelf! Dat mag hij best voelen. Hij weet al een jaar dat Sinterklaas niet bestaat. Manlief en ik beraden ons op het moment dat we hem gaan vertellen dat er een groter geheim is dit jaar.

De e-mailbevestiging is binnen. Bijna twee jaar nadat we samen naar Eurodisney gingen, gaan Oudste en ik samen naar La Palma. En de boodschap naar Middelste willen we heel duidelijk maken: jij ook! Niet nu, maar ook jij gaat dit meemaken. Hij gaat met papa naar Eurodisney 3 dagen lang als hij 6 is, net als Oudste. 1-ouder-op-1-kind. Die ervaring moet Manlief ook meemaken, dat is zo bijzonder! En als hij 8 is gaat hij ook met papa samen naar ver weg. Wie er mag Hoe we dat gaan doen met Jongste zien we dan wel weer, maar ook hij krijgt die kans.

Maar eerst ga ik met Oudste naar….La Palma! Tjemig, over minder dan anderhalve maand al. Maar mondje dicht he! Hij weet het nog niet!

november 28, 2009 Posted by | De Daltons, Repel | | 25 reacties

De Soap van mijn Borst: Een Nieuwe Invalshoek

Gisterochtend zat ik bij mijn huisarts. Ik wilde eens met hem praten over het hele verhaal. Ik ken hem al een jaar of 12 en er is sprake van enig vertrouwen. We kennen elkaar een beetje. Ik wilde weten wat hij persoonlijk, maar wel als medicus, van mijn time out vond. Als medicus die niet een specialist is.

Medisch gaf hij het me recht voor zijn raap: zijn persoonlijk advies was niet snijden, laten zitten. En mijn radicale oplossing was al helemaal geen optie voor hem. Dit zuiver op grond van de medische aard van de knobbels die er nu zitten. Die zijn het wegsnijden niet waard. Maar hij begreep wel dat het daar eigenlijk niet om gaat. Hij begreep dat de medische aard van het huidige probleem lang niet de lading van mijn probleem dekt.

Het gaat om het feit dat ik een verhoogde kans heb en dat het de derde keer is dat ik een knobbel voel. Het doet er niet toe dat het de eerste twee keren wel weggesneden moest worden ‘omdat het kwaadaardig kon worden’. Het doet er niet toe dat het deze keer het wegsnijden niet waard is. Het gaat er om dat, omdat ik een verhoogde kans heb, de bodem elke keer onder me vandaan wordt geslagen als ik een knobbel voel. Het gaat er om dat ik vrees voor mijn leven en voor mijn opgroeiende kinderen elke keer als ik een knobbel voel. Ooit als ik wat voel, kan het zomaar een slechte zijn. Het gaat om die angst in combinatie met de pech dat ik al drie keer aan de beurt ben geweest voor ‘onschuldige’  knobbels.
Het gaat om het feit dat ik elk jaar op controle moet. Het doet er niet toe dat het deze keer een veel voorkomende kwaal is. Het gaat om het feit dat ik, in tegenstelling tot vele anderen die dezelfde kwaal hebben,  elk jaar op controle moet ‘omdat ik een verhoogde kans heb’.
Het gaat om het feit dat ik overeind moet blijven omdat ik een groot gezin heb. En overeind blijven betekent ook emotioneel overeind blijven. Ik weet niet of ik een jaarlijkse controle aankan. Ik zie het al helemaal voor me: de twee weken voorafgaand aan de afspraak ben ik een stresskip en tijdens de 1, 2, 3 weken wachten op de uitslag ben ik een emotioneel wrak. Dan ben ik geen lieve Vrouwlief en dan ben ik een rotmama. Ik weet niet of ik dat aankan.

Mijn huisarts keek me aan en piekerde. Hij is een principiële man en een conservatieve arts. Maar hij zag mijn probleem. Hij zei: “jouw borsten zijn een last voor je geworden in plaats van een onderdeel van je lichaam.” Hij is tegen snijden: “wat nou als je volgende keer een uitslag ‘pap 2’ hebt? Wil je dan ook maar meteen gaan snijden?” (Ja maar, met pap 2 ben ik een gewone vrouw, met dezelfde eerlijke of oneerlijke kansen als de rest. Met mijn borsten hangt dat zwaard boven mijn hoofd.) Mijn arts had me begrepen en hij keek me aan en hij piekerde.

Hij zei na een paar minuten: “Je komt er niet automatisch voor in aanmerking, maar in dit geval ga ik mijn best voor je doen. Geef me een paar dagen en dan ga ik een afspraak bij genetica voor je proberen te regelen.”

Uiteraard zeggen genen ook niet alles, maar mijn probleem wordt voor een belangrijk deel door kans en statistiek beïnvloedt. Zou ik met knobbels kunnen leven als ik weet dat ik ‘die’  bewuste genen niet heb en mijn kansen bijna die van elke andere willekeurige vrouw zijn? Zou ik mijn knobbels als veel voorkomende kwaal kunnen zien? En wat betekent het eigenlijk precies voor de risico’s als het wel in de familie zit, maar niet genetisch? Daar kan die meneer van genetica mij vast wel een antwoord op geven. ik heb al een heel lijstje met vragen voor die meneer van de genetica.

Ladies and gentlemen: we got a loophole! ’s Avonds keek ik naar mezelf in de spiegel en de woorden van de huisarts echooden door mijn hoofd: ze zijn een last voor je geworden en niet meer een onderdeel van je lichaam. En ik keek met een nieuwe invalshoek naar mijn borsten. Wat nou als het gewoon borsten waren en geen gedoe?

november 25, 2009 Posted by | Beslommeringen, Repel | , | 23 reacties

Run baby, run!

De eerste keer dat ik met hollen begon, woonde ik nog samen met mijn ex. We hebben het over 1993. Nu ik dit typ realiseer ik me dat ik met gemak kan verhalen over zaken die zestien jaar geleden zijn gebeurd. En ik haal mijn schouders erbij op, merk ik. Ik heb vele complexen, maar leeftijd is er niet een van. Sterker nog: ik zie uit naar 40, hij staat al bijna om de hoek.

Maar goed, ik dwaal af. Ik stopte met hollen toen het uitging tussen ons. Toen had ik wat anders aan mijn hoofd.  Ik moest namelijk woonruimte vinden en de scherven van mijn leven bij elkaar rapen. Dat was een heel leven geleden. Annu nu, sinds het tijdperk van Manlief, heb ik ook een aantal keren gepoogd het hollen weer op te pakken. Maar elke keer kwam daar weer zo’n zwangerschap tussendoor fietsen. Kindjes maken met Manlief was een heel goed idee, wellicht wel het beste idee dat we ooit hebben gehad, maar hollen ho maar!

Deze zomer in la douce France pikte ik het hollen voor de zoveelste poging weer op. Manlief en ik zijn klaar met kindjes maken en mijn lijf is weer van mij. Het laatste zwangerschapshormoon heb ik al een hele tijd geleden uitgeplast en mijn gewrichten staan ook weer in de juiste stand. Nou ja, wellicht is ‘juist’ na drie bevallingen een term die een beetje te hoog gegrepen is. Laten we het houden op ‘ruimschoots voldoende’.

En deze keer lukte het. Ik hol en ik hol en ik hol. Gisteren holde ik zomaar weer even 10 kilometer uit de losse pols. Met een gemiddelde van 5 minuut 47 seconden de kilometer. En toen besloot ik dat ik ben gepromoveerd tot ‘loper’. Ik hol niet, ik loop. En ik heb dat gevierd door een heuse winterloopoutfit te kopen. Een driekwart broek, een loopshirt met lange mouwen èn een jack voor de regen en de snijdende wind. Met mijn Nike+schoenen, en mijn Nike+iPod is het plaatje compleet: ik ben een loper.

En om het nog officiëler te maken heb ik me ingeschreven voor een loopcircuit. Zeven loopjes in de regio de komende maanden. Ik wilde enthousiast kiezen voor de 10 kilometer, maar bedacht dat 5 kilometer voor de eerste keer verstandiger is. Je weet maar nooit of je de vorm hebt die dag. Jongens, je moet ‘um wel in de benen hebben. Tjonge, ik praat zelfs als een loper, zo zonder dat ik het in de gaten heb.
Eerst kreeg ik per mail een loperidentificatie (ik ben een officiële loper! Met een eigen identificatie!) en van de week ben ik mijn rugnummer gaan halen. (Ik ben een officiële loper! Met een eigen rugnummer!) Ik kreeg er een foeilelijk t-shirt bij, maar dat kan de pret niet drukken. Een echte loper kan namelijk nooit genoeg loopshirtjes hebben.

Dus mensen uit de regio, mocht je iemand tegenkomen die soepel en mooi verschrikkelijk hard loopt en die rugnummer 238 heeft: nou, dan ben ik dat. Repel de loper.

november 22, 2009 Posted by | Repel | , | 17 reacties

Mijn werkplek, deel II: konijntjes

Ik zit hier al 5 minuten achter mijn toetsenbord en ik probeer te verzinnen wat nu de overtreffende trap is van ‘een open deur intrappen’. Maar ik kom er maar niet op. De overtreffende trap van een open deur intrappen is namelijk dat je het naar je zin moet hebben op je werk omdat je daar de meeste wakkere uren van je leven doorbrengt. En als je het niet naar je zin hebt op je werk, vergal je het grootste deel van je leven. In ieder geval in kwantitatieve zin.

Mijn vorige baan begon zo leuk, maar eindigde in misère. Ik ging op het laatst met Grote Tegenzin naar werk. En zo vergalde ik, bijna 2 jaar lang, minimaal 10 uur per etmaal, 4 etmalen van mijn week. Maar zo rot als iets kan zijn, is het niet eenvoudig te kappen en weg te lopen van vastigheid: vast contract, stabiliteit, hypotheek, kindertjes, bla-bla-bla, ja-di-ja-di-ja-di. Het heeft dan ook even gekost voordat ik de sprong durfde te wagen. Maar uiteindelijk deed ik het;  uit mezelf en pro-actief. Achteraf ben ik misschien daar nog wel het meest trots op, want meestal ‘durf’ ik niet. Maar ik heb toen op dat moment niet gewacht tot er iets anders aan kwam waaien en ik heb ook niet gewacht tot iemand me ergens op wees. Ik deed het helemaal uit mezelluf.
(Intermezzo: Ik zie dat Oudste net zoveel problemen heeft met ‘durven’ als ik.)

Dus nu heb ik mijn leuke werkplek, met mijn lieve collega’s, die me bloemen geven omdat de uitslag van het ziekenhuis goed was. Mijn afdeling heeft zelfs een eigen (self proclaimed) officieus feestcommittee. Mijn Roomy en Leuke Collega hebben dat samen verzonnen: zij zijn ons feestcommittee en ze verzinnen uitjes. Ze hebben bij elk uitje een ander motto voor hun commissie. Laatst was hun motto “Your pleasure is Our Business” of zoiets dergelijks. We gingen naar Amsterdam, naar het museum, toen naar het Vondelpark en toen naar de Griek en naar de Kroeg. Toen een uitje plotsklaps verzet moest worden was het motto “There’s no Pleasure like Planned Pleasure”. En gisteren stond er een pubquiz op het programma. Op een doordeweekse avond zaten we er met een man of 10 van onze afdeling. En van de mensen die er zaten op die doordeweekse avond, waren er een aantal die kinderen hebben, het gros ervan een werkende partner, en afgerond iedereen moest de volgende dag werken. Maar we zaten er wel. (We eindigden in de middenmoot van de quiz, toppositie dus, maar dat was bijzaak.) Het is geen ultieme Kumbaya bij ons, maar we zijn als afdeling, als collega’s wel heel close.

Vandaag, the morning after, hadden Roomy en ik een hele slechte dag. Hoe leuk je werkplek ook is, hoe leuk je werk en je collega’s ook zijn………..elk bedrijf heeft z’n Etteraars, z’n Pain in the Asses, z’n Mannetjes met Te Weinig Inhoud en Teveel Macht. Vandaag botsten Roomy en ik tegen zo’n mannetje aan. 120 km/uur versus betonnen muur. Het heeft een volledige werkdag gekost om te zorgen dat maandag alles goed komt. Vanwege zo’n Miezerig Mannetje.

Bij de lunch (we waren pas halverwege de dag en pas halverwege ons probleem) trokken we van leer aan de lunchtafel om af te reageren en toen reageerde Leuke Collega op mij toen ik verzuchtte dat ik het me teveel aantrok.

Ze zei: “Je moet na de lunch even naar mijn konijntjes komen kijken.”
Ik: ???
Zij: Ja, vorige week voelde ik me net als jij en toen heb ik die konijntjes uitgeprint. En als ik me weer eens zo voel en me irriteer aan zo’n persoon kijk ik naar die konijntje en word ik rustig.
Ze vervolgde: Ik heb ze opgehangen als een ‘halo’ op mijn whiteboard en als zo’n persoon in mijn kamer staat, vraag ik of ze er even precies onder willen gaan staan. Dat werkt echt heel goed.

En weet je wat? Ze heeft gelijk! Van boven naar onder: de halo en daaronder uitvergroot wat er staat bij de bewuste konijntjes….

november 20, 2009 Posted by | Repel | , | 26 reacties

Boos en opstandig…BOOS EN OPSTANDIG

Vandaag zakte ik na (wederom) een slechte nacht (wederom) een beetje door mijn hoeven. Ik zak er nooit echt compleet doorheen, die luxe heb ik niet, ik verzwik me (alleen maar). Maar op weg naar school om mijn Daltons op te halen merkte ik ineens dat er (wederom) tranen uit mijn ogen lekten. En dat is op een dergelijk moment niet eens het slechtst der momenten, want Jongste zit toch met zijn snufferd in de rijrichting.

Ik zou een log kunnen vullen over de “Tokkie Moeder”  van het schoolplein, die me de huid vol schield terwijl zij mij bijna de berm in sneed eerder die dag. Ik zou ook een log kunnen vullen over mijn Sombrero Vaccinatie van vanmiddag en het feit dat ik liever wilde dat Jongste hem vandaag kreeg in plaats van volgende week; hij liet ons zo schrikken met zijn longen vorig jaar om deze tijd. “Pas op met hem, het slaat bij hem op zijn longen”, zeiden ze nog. Maar ik vul deze log daar niet mee. Nou ja, in een aantal regels samengevat staat het er toch. Niet gevat, of diepgaand, maar de essentie staat er wel, denk ik. Het is per slot van rekening wel context. Achtergrond.

Toen ik op weg was naar school dacht ik (wederom) aan mijn time out en aan wat ik denk te hebben besloten. (Nog steeds voor spek en bonen, y’all.) En ik dacht aan wat de arts tegen me zei en wat ik al een aantal keer heb horen zeggen: “Je moet nadenken over wat jij wilt.”  En toen werd ik ineens boos. Ineens heel erg boos. Ik heb namelijk niks te willen, ik heb niks te kiezen, ik wil een heleboel juist niet. Sterker nog: Eigenlijk wil ik niks van alle keuzes die ik zie. Wat ik wel wil is onmogelijk.

Ik wil geen “talloze” mastopathia
Ik wil geen knobbels
Ik wil geen verhoogde kans op kanker

Ik wil geen jaarlijkse controle
Ik wil geen jaarlijkse echo omdat een foto te veel belasting is
Omdat ik een verhoogde kan heb
Ik wil NOOIT meer een MRI van mijn borsten
Ik wil NOOIT meer op mijn buik vastgebonden liggen in dat ding
Ik wil nooit meer een onverdoofde punctie door mijn tepel
Ik wil geen onverdoofde punctie 20 minuten lang omdat ze de SOB niet te pakken krijgen

Ik wil dit geen vierde keer
Ik wil nooit meer 3 weken hoeven te wachten op de uitslag
Ik wil dit vooruitzicht niet

Maar…

Ik wil ook geen operatie
Ik wil ook geen DERDE litteken
Ik wil ook De Radicale Variant niet

Maar…

Ik kan niet leven met een borst vol voelbare knobbels die pijn doen
Ik kan niet leven met een borst vol knobbels waardoor ik BH’s niet kan dragen
Ik kan niet leven met een borst vol knobbels die welhaast een tijdbom zijn
Ik kan niet leven met een borst vol knobbels waarvor ik jaarlijks voor onder controle moet
Ik wil niet vechten voor een keuze die ik (niet) wil: België doet het wel, maar Nederland niet: als ik het onuitgesprokene zou willen, moet ik vechten.

Het wordt dus een optelsom van “wat ik het minst nìet wil”.  Nergens komt voor wat ik WEL wil. En toen was ik boos en toen moest ik huilen. En de eerstvolgende die roept dat het gaat om wat ik wil, kan een serieuze oplawaai krijgen. En ik deins niet terug voor een knock out.

november 17, 2009 Posted by | Repel | , , | 34 reacties

Mijn tiet voor spek en bonen

Eerst dacht ik dat een time out betekende dat ik er niet aan mocht denken. Maar dat lukte niet.
Toen dacht ik dat een time out betekende dat ik er wel aan mocht denken, maar dat ik nog geen beslissing mocht nemen. Maar ook dat veroorzaakte enige kortsluitingen in mijn brein.
Nu denk ik dat het betekent dat ik een besluit mag nemen en dat ik 3 maanden neem om het te laten bezinken. Als ik het over 3 maanden nog zo wil, dan doe ik het.
Maar al ik weet nu wel wat ik wil, ik weet niet wat een time out betekent.

Alle gekheid op een stokje: ik weet het eigenlijk wel. Denk ik. Mijn denk- en verwerkingsproces verloopt enigszins chaotisch, maar er lijkt zich een lijn te ontwikkelen. Ik bereik mijlpalen warvan ik denk dat het eindpunten zijn. Maar de volgende dag is de wereld anders. En zolang ik niet zeker weet dat de volgende mijlpaal daadwerkelijk het echte eindpunt is, blijf ik lekker in mijn time out.

Het is eigenlijk net alsof ik met het spelletje mag meedoen voor spek en bonen. Ik mag al mijn geld ergens op inzetten, zonder dat het voor het echie is. Ik mag mijn leven inzetten en hou nog 8 levens plus een bonus level over.

Het is vandaag vrijdag de 13e. Ik heb mijn besluit genomen. Ik heb mijn kaarten gespeeld. Ik zet alles in. Maar dan wel voor spek en bonen. Ik denk dat ik begrijp wat de time out inhoudt.

november 13, 2009 Posted by | Repel | , | 14 reacties

Repel Phone Home: Repel heeft Heim Schmertz

Die Repel in die Heimat is één grote lachenbek. Een bak pret, dat is ze. De lol kan niet op. Ze ziet de een na de andere bekende en het zijn stuk voor stuk the usual suspects, the inner crowd, de ons kent ons, de oude Repels krentenbrood, zoals op dat op jaarlijkse symposia gaat. Het eten is zoals altijd te zout, de nachten zijn zoals altijd te kort. De bar is zoals altijd leuk, de drank is zoals altijd te duur. En we roepen allemaal dat dat vorig jaar ook zo was. Hahahahahaha. Weet je nog, vorig jaar? Toen we…boe-haha, wat was dat leuk he.
Dat. Dus.

’s Avonds op de kamer is het te stil. Geen Daltons. En geen grote Dalton. Geen nachtkus. Ik mis zelfs mijn pookje. (Die heb ik van haar) Slechte tv en geen internet. Want internet is über-belachelijk duur hier in het hotel hier in die Heimat. De Repel wil best drie maanden time out nemen om na te denken…maar ze gaat niet 4 nachten lang de plafondplaten liggen tellen in een hotel hier in die Heimat. De Repel heeft Heim Schmertz. Dus heeft ze internet gekocht. En ze heeft naar huis gebeld:

ik: met mama! hoe was het gele slip-examen van Middelste?
hij: helemaal leuk, maar hij wil op ballet.
ik: ja dat weet ik, maar heb je hem uitgelegd dat hij dat wel mag, maar dat hij geen tutu aan mag?
hij: ja. en nu wil hij een meisje zijn.
ik ben enige tijd stil terwijl ik inwendig grinnik
ik: en wat deed jij toen?
hij: Oudste zij dat dat niet kon omdat hij een piemel heeft.
ik: haha, en toen?
hij: toen vroeg Middelste hoe jij kan plassen als je geen piemel hebt.
ouders re-revisited: Oudste heeft dat ook zo gevraagd destijds!
ik: geef Middelste maar!
ik: met mama!
hij: ik mag geen jurk aan op ballet.
ik: maar wel een heel mooi jongens balletpak.

Later ga ik met mijn überdure-internetkoopje op mijn allenige kamertje via Goooooooooogle naar site van de balletschool van Repeldorp. Ze lijken het in eerste instantie alleen te hebben over spitzen. Pffff, alsof er geen Rudolf Nureyef’s bestaan! Maar vervolgens vind ik het linkje “peuterdansen”. That’s more like it, denk ik, en ik klik en lees. Mijn oog valt als eerste op deze passage over jarige kleuters en trakteren:

Als een kleuter jarig is, wordt daar de laatste 5 minuten van de les aandacht aan besteed. Er mag getrakteerd worden, maar geen snoep want snoep is slecht en hoort al helemaal niet bij ballet

Okay Middelste, vent, here’s the deal:  jij gaat op rugby. Ballet is een hele grote NEE voor jou!
De roze jurkjes gaan bij het oud vuil.
De Repel is om.

De Repel is ook even afgeleid van de roze olifant en de plafondplaten en de Repel gaat nu naar bed.

november 11, 2009 Posted by | Repel | , | 23 reacties