Repel's Blog

De onnavolgbare Repel en haar vier Daltons

Gespeend van elke vorm van tact

Vanmiddag had ik met de Middenvelder een momentje in de auto.

Hij:”….”
Out of the Blue
Waarom zeg jij niet tegen X dat je het niet leuk vindt hoe X doet tegen Y en dat je het stom vind?
Ik pauzeer. Mijn hemel, kleine potjes. En zo’n klein potje is het al helemaal niet meer dus ik had beter moeten weten. Oh ik, stomme ik. Wat nu te doen? Ik besluit voor de waarheid te gaan.
Ik: Nou, X vindt het wel leuk, maar ik niet. Maar het is persoonlijk; het is smaak. Ik heb geen “gelijk” dat het stom is en X heeft geen “gelijk” dat het leuk is. X en Y vinden het wel leuk. Het gaat om het woordje “vinden”. Maar als X hoort dat het iemand stoort, gaat X het misschien niet meer durven, en dat is niet leuk voor Y. Want Y heeft niks te maken met mijn mening, maar alleen maar met de mening van X. Snap je? Als Y het wel leuk vind heb ik er helemaal niks mee te maken: dan mag ik het wel vinden…maar ik “mag” het niet zeggen. Nou ja, wel tegen jou, maar niet tegen X.
De Middenvelder pauzeert.
Hij: Ik snap het.

Later die avond speelt en eet Buurjongen-joined-at-the-hip bij ons. We zitten achter de MacBook Pro (had ik al gezegd dat ik een MacBook Pro heb?) en we kijken naar de foto’s van de kampioenswedstrijd van de Middenvelder. Alle jongens staan individueel op de foto met de beker. Ik voel me verplicht ze te verbeteren dat vriendje J niet stoer op de foto staat, maar een beetje onzeker. (“Wat is onzeker?”, “Nou, dat is wat we soms allemaal wel zijn: dat we denken dat als we op de foto moeten, we er vast stom opstaan, of dat we vast niet goed genoeg zijn, of dat iets belangrijks misschien wel niet zal lukken en vinden ze ons dan nog wel leuk?, of dat we vast morgen de weg niet kunnen vinden als we voor het eerst alleen ergens naartoe gaan, weet je? Dat gevoel!” Ze knikken allebei instemmend; ze kennen het.) Ik meen me te verbeelden dat ze vriendje J iets minder stom vinden dan gisteren. Vriendje J lijkt meer op hen dan ze dachten. Vervolgens  komen er twee foto’s van twee jongens voorbij waarbij het verschil tussen trots en opscheppen van het scherm afdruipt. Het grappige was dat ze net allebei een momentje van opscheppen hadden laten zien die avond, dus die kon ik mooi aanstippen. Opscheppen is niet okay, het is niet nodig en daarbij houden mensen niet van opscheppers: je schept er weerstand mee terwijl je eigenlijk een schouderklopje wilde. Opscheppen is dus niet okay, maar trots zijn op jezelf is alijd okay. Sterker nog: trots zijn op jezelf is heel belangrijk!

Oh ik opvoedkundige ik! En dan kom ik nu bij de point (spreek point uit op zijn Frans “pwoeân” want ik ben aan het opscheppen)…

Zaterdagavond had mijn kantoor een feestje georganiseerd. Het zou een groots feestje worden. De Repel hees zich dus in Heur Jurkje Van Heur Turkje. En ik moet zeggen dat zelfs ik een beetje van mezelf onder de indruk was. Ik zeg: mijn BMI rules! Het woord bescheidenheid is mij namelijk vreemd. Ik zag er gewoon rete-strak uit. Ik had mezelf beloofd dat ik mocht snacken en nippen, maar niet mocht vreten en zuipen, want de dag erop had ik een loopje en ik had grootse plannen: ik ging voor een PR. Maar dat voornemen mislukte helaas jammerlijk. Na de hamburgers en de dansjes met de Brandmeester en de kaassouffles en de dansjes met de Brandmeester en de ettelijke, ettelijke wijntjes en de dansjes met de Brandmeester heb ik om 23:40 uur nog een stuk mokkataart gegeten. Die punt leek wel een dubbele punt. Sterker nog: spreek je nog over een punt als je richting kwart taart gaat?

Dus. Vandaag stond ik daar aan die start. Nog naburpend van frites, cocktails, stukken kaas op een stokkie met Nederlandsche vlag, mokkataart en een kater-hoofd. Ik stelde mijn verwachtingen voor mijn tijd subiet bij. Zeker gezien windkracht 6 en een stortbui waardoor ik met kippenvel in mijn nieuwe rete-strakke-pink-ribbon-loop-broekje stond. Nog voor het startschot viel, was ik al beyond doorweekt. Maar dan….ga ik lopen….en het loopt. Het loopt als een tierelier, ondanks de wind, het slaaptekort en de alcohol. Vandaag kan ik hem gewoon hebben! Het moet de mokkataart geweest zijn. Rond 8 kilometer besef ik dat ik toch mijn PR kan verbeteren en ik zet de sprint in. Ik heb nog nooit zo versneld aan het eind van een 10. Dan zie ik zie de Brandmeester staan met de Daltons richting finish maar ze herkennen me niet, ik loop hier namelijk 2 minuten te vroeg. De Brandmeester schrikt zich te pletter en kan me alleen nog fotograferen van de achterkant…maar dat is wel meteen de mooiste foto: de klok staat erop! De andere “full frontal” foto’s betaal ik via de website. Ik ben zo ultiem verrot en blij dat ik huil. 50’59”. Binnen de 51…maar hoe!

Ik ben niet bescheiden, ik ben namelijk niet zomaar tots. Ik schep op. Puh. So there! Gezien de tijd die ik heb om te trainen, gezien het “geringe” aantal kilometers dat ik maak per week is dit een afgrijselijk goede tijd…Ik ben nu ook enorm pissig, want de uitslag is nog niet gepubliceerd. Ik denk namlijk zeker weten binnen de eerste 25% van alle finishers te zitten. I am good at this running shit!

Te veel met het fenomeen te maken.
Mijn moeder serieus en ik te vaak vals alarm en nog steeds onder conrole.
Een run4ladies verdient een pink ribbon!
Speciaal voor de gelegenheid gekocht.

Tegenwoordig heb ik benen…benen voor galajurken en benen voor rennen…

Pokkeweer vastgeld door een profi…

Finish!

En weet je…opscheppen mag….als je weet waar je prio’s liggen…

mei 30, 2010 Posted by | Repel, Uncategorized | , | 27 reacties