Repel's Blog

De onnavolgbare Repel en haar vier Daltons

De sleur jongens, de sleur

“Nou, daar ging ik dan maar weer. Weer zo’n zondag dat we met z’n vijven waren. En weer naar dat bos natuurlijk. ‘Tis ook een bos van niks, eigenlijk. Camera mee. En weer zo’n zondag dat het herfst is en de zon schijnt. De sleur jongens, de sleur. Vreselijk. Het bos was wéér mooi. Natuurlijk, wat had je dan gedacht? Du-huh! Nou ja, weer tientallen foto’s gemaakt, mijn leven lijkt één grote saaie herhaling.
Bij de MacDonalds gelunched. Pffff…alsof we dat nog nooit gedaan hebben. Twee happy meals, jemig, weer van die kadootjes erbij waar je niks mee kan. Ik ben echt Miss Burgerlijk zeg. En dan zaten er ook nog gratis railrunner kaartjes bij. Moeten we ook nog een keer met de trein ‘omdat het zo leuk is’. En ze waren nog een mayonaise vergeten ook. En weet je wat we moesten afrekenen? Niet normaal!
’s Middags een rondje gaan hollen. Wéér 10 kilometer, weer hetzelfde rondje. Het wordt wel saai hoor, alsmaar hetzelfde tegenkomen. En dan aan het eind wéér die stem van een beroemde Amerikaanse atleet horen door de koptelefoon die me feliciteert met mijn “longest work out yet”. Die Nike+ heb ik nu ook wel gezien hoor.
En dan die iMac: ik weet nu ook wel dat dat ding mooie truukjes kan. En weer zit ik erachter en is er een leukere manier om een slideshow met een nog betere kwaliteit op YouTube te krijgen. Mwoa, het nieuwe is er nu wel vanaf hoor, net als van die nieuwe lens.”

Ht is niet te geloven dat ik mensen ken die hun leven daadwerkelijk op deze wijze ervaren en leven. Ik daarentegen omarm burgerlijk en sleur. Ik omarm geborgenheid. En ik weet waar ik dankbaar voor kan zijn. En ik wil het niet dramatiseren, maar knobbel in tiet had kunnen betekenen (klein stemmetje: kan nog steeds betekenen…je hebt de uitslag nog niet…en ook al is het niet kwaadaardig…dan nog ben je niet kaar want het hoort er niet te zitten…)  dat mijn hele bestaan op losse schroeven staat.

Dus ja, ik geniet wéér van Repelbos. En ik geniet van mijn rondje hollen, mijn rondje waarvan ik precies weet hoe lang het is. En ik zie steeds meer onderweg. En ik zie dingen veranderen in de loop der maanden. En na het douchen trek ik niet mijn slonzige kloffie aan, maar mijn nieuwe sexy broek, gewoon omdat ik ‘m pas. En Manlief knuffelt me de hele dag door en ik bak kippenpoten voor de Daltons: een snack voor tijdens de voetbalwedstrijden op Eredivisie live. Burgerlijk, ja, ik heb nog net geen schort om. En ik heb zin om in de winter, rond de kerst, met het hele gezin met de trein naar Maastricht te gaan. Gewoon, omdat het leuk is. We hebben per slot van rekening de twee railrunner kaartjes al voor twee van de Daltons. Halfvol jongens, niet halfleeg.

Ondertussen groeit langzaam de spanning in mijn buik. Woensdag is nog maar drie nachtjes slapen. Maar dat is niet voor nu, eerst mijn mooie slideshow. Vergeet het volume niet, de iMac kent zijn sfeermuziek…

oktober 25, 2009 Posted by | Party of Five | , | 37 reacties

Geluk zit in een klein hoekje

Dat krijg je er nou van. Heb ik zoveel zitten te loggen over de knobbel in mijn tiet, dat ik helemaal vergeet op te scheppen over mijn kinderen. En nu heb ik zoveel om over op te scheppen, dat het bijna niet in één logje past.

Opscheppen over Oudste, dat hij al jaren zo hecht bevriend is met Buurjongen. Dat hij mij, en Buurjongen zijn moeder, zodanig om hun vinger hebben weten te winden dat Buurjongen mag blijven logeren nadat hij Feyenoord bleef kijken tot half 10. Ook al sta ik er alleen voor. Maar ze zijn zo dol op elkaar. En dat ik zo trots op hem ben, hoe lief hij is. Hoe gevoelig en verantwoordelijk.

Over Middelste, over het feit dat we beginnen te wennen aan het feit dat hij snugger is, net als zijn oudere broer. Dat we weer een bèta erbij hebben. Dat hij uit het niks zegt: “Een cirkel heeft keen kanten en geen hoeken. Een cirkel heeft eigenlijk helemaal niks. Een cirkel is gewoon ***schouderophalend*** rond.”

Dat hij zichzelf leert rekenen en de hele dag door sommetjes doet. Dat hij rekenspelletjes doet met zijn broer. Dat hij zijn broer vraagt hoeveel 10 plus tien is. En dat Oudste het antwoord oplepelt op zonder op te kijken van zijn DS. En hoeveel is 20 plus 20? En dit gaat zo door. Bij 160 plus 160 moet Oudste even nadenken. Middelste vindt het schitterend. Na een poosje zijn we beland bij: hoeveel is 640 plus 640. Oudste kijkt mij aan: “duizend en tweehonderd en tachtig. Maar ik weet niet hoe je dat noemt.”

Best ruw, zo’n kattentongetje over je neus.

En als we denken dat we alles hebben gehad, komt Jongste om de hoek kijken. Die de DS van zijn broer kan aanzetten en het fotoprogramma kan opstarten. En met zijn duimpje het touchscreen bewerkt. En foto’s van zichzelf maakt waar hij heel hard om moet lachen.

Maar toen kwam de klap op de vuurpijl. Ze waren uit logeren bij opa en Middelste wilde weten hoeveel treden de trap had. Toen zei Jongste met zijn heel sterke Koeterwaalse accent: “Achttien” Mijn vader en zijn vriendin keken elkaar aan. Zei hij dat nou echt? Het kind is 2 jaar en 2 maanden! Ze liepen de trap af en telden hardop de treden. En Middelste telde vrolijk van 1 tot 18.

We hebben ons al die tijd in de luren laten leggen door zijn Koeterwaalse accent. Maar we hebben er weer een snugger kind bij. Ik ga alvast sparen voor Harvard.

En van wie ze het hebben? Als je roept dat ze het vast en zeker niet van mij hebben, dan maak je me blij. Want dan hebben ze het van die andere man in mijn leven, de grootste Dalton. Mijn lief, mijn Manlief.

oktober 25, 2009 Posted by | Party of Five | , | 23 reacties