De moederkloek is aan het eind van de kerstvakantie niet zo’n moederkloek meer

Het is vandaag officieel de laatste dag van de kerstvakantie. Praise the Lord: maandag gaat de school weer van start!

Twee weken lang drie Daltons in huis waarvan wij zij gewend zijn dat er twee op school zijn, kan shear hell zijn. Picture it: wij hebben in huis twaalfduizenddriehondhonderdenvierenzeventig Thomas treintjes, honderdzesendertigduizendachthonderdennegenennegentig Cars autootjes. En sinds de komst van de Gamecube hebben we een PS2, een PSP, twee DS’en, een Wii én een Gamecube. Een iMac en een PC. Allemaal met tig spellen. En als je de buren meetelt (de kinderen van ons en van hen zijn toch joined at the hip) hebben we de Wii en de DS’en in duplo.

Maar toch, ik zweer je: als een Dalton dat ene treintje heeft, willen ze er plotseling A.L.L.E.M.A.A.L. mee spelen. Die andere driemiljoen zijn plotsklaps volslagen oninteressant geworden. Als de ander dat ene Cars autootje pakt vliegen ze met z’n allen daar bovenop. Niemand kijkt televisie, maar als er eentje wil Wii’en, beginnen er twee andere te krijsen dat ze Nick jr. willen kijken. Ze willen allemaal op die ene DS en anders willen ze allemaal, op hetzelfde moment, op de PSP.

Ik wil niet nadenken over het aantal keren dat ik heb gedreigd alles in de prullenbak te gooien. Het ergste waren nog de momenten dat ze allemaal, en masse, helemaal niks wilden. Alles was stom en ze verveelden zich. Niks was goed. Naast het speelgoed en de electronica was er sneeuw en er was een slee en er was een speeltuin vol met kinderen. Maar de Dalotns hingen op de bank en verveelden zich, want niks was leuk.

Dus. Vandaag de laatste dag van de schoolvakantie. Toen ik vanmorgen naar beneden liep bedacht ik me dat ik het bijna heb gered. Dat het vandaag toevallig ook 1 januari is, betekent dat -omdat ik om half 2 naar bed ging en Jongste overal doorheen sliep- ik uit bed werd getimmerd door een KLAARWAKKERE Jongste toen ik bij wijze van spreken nog niet eens in mijn eerste REM-slaap was gegleden. Mijn haar is een vogelnest dat in de jaren tachtig van de vorige eeuw niet misstaan zou hebben, mijn wallen zijn indrukwekkend. Ik loop rond in een Superman-shirt en roze velours ochtendjas, grijze wollen sokken en mascara tot op mijn kin.

Ik kom beneden en moet eerst de diarree van Lewis opruimen voordat de kinderen erin stappen. Vervolgens moet ik de kots van Miss Marple opruimen. Even later heeft Jongste een poepluier waar je U tegen zegt en de kinderen vliegen elkaar binnen 10 minuten in de haren over dat ene treintje van de honderdduizend. En Oudste is boos dat hij geen eredivisie live mag kijken. Lewis kakt nog een keer op de vloer in de WC en er gaat tegelijkertijd een beker chocomel om in de woonkamer.

Het is dat ze soms zoeter dan zoet zijn en aandoenlijk en lief, anders zijn dagen als dit niet te doen, zou je haast zeggen.

***

Gisteravond schrok Middelste wakker van het vuurwerk….even later zit hij naast Vriendin op het aanrecht. Vol bewondering kijkt hij naar zijn vader die vuurwerk afsteekt. “Dit vuurwerk heb ik nog nooit gezien!”

Middelste heeft net als zijn broers al lang geleden geleerd hoe hij zijn moeder om zijn vingertje moet winden.

Geplaatst in De Daltons. Categorie: , . 17 Commentaar »

Dat kan je op je buik schrijven!

Mijn zus kan niet ouder zijn geweest dan 12 jaar toen mijn moeder tegen haar riep: “Dat kan je op je buik schrijven!
Het was het antwoord op de vraag: “Mag ik ook een glas Martini?”
Mijn zus pakte vervolgens een pen en schreef met hele grote letters ‘MARTINI’ op haar buik. Maar nog steeds kreeg ze geen glas Martini.

Ik kan met dikke permanent marker, met grote letters, de zinsnede “RUSTIGER VAARWATER” op mijn buik schrijven. Want ook dat ga ik niet krijgen.

Ik ga niet in detail terugblikken op deze oudejaarsdag, want 2009 was gewoon geen bijzonder jaar. Het was gewoon een jaar met hele hoge pieken en hele diepe dalen. Een jaar met heel veel geluk en heel veel verdriet. Een jaar met heel veel liefde en met afscheid nemen. Per saldo was 2009 geen slecht jaar, hoe woelig de wateren ook waren.
Maar ik ben eigenlijk de laatste jaren niet anders gewend van een jaargang. Ik heb er lang en diep over nagedacht. Ik weet niet of het nou komt omdat ik een gezin heb, of omdat het de tijd is waarin deze wereld leeft, of dat het mijn leeftijd is. Maar ik denk oprecht dat ik pas in rustiger vaarwater terecht zal komen zodra ik licht dementerend in het bejaardentehuis zit. Ik denk oprecht dat rustiger vaarwater tot die tijd niet meer bestaat.

En is dat erg? Ik weet het niet. Misschien niet. Waarschijnlijk niet. Want in woelige wateren leef je intens, sta je stil bij wat je hebt, waardeer je door het slechte het goede nog meer en valt er beterschap te halen en te beloven. En ik hou per slot van rekening ook van achtbanen.

Mijn enige goede voornemen: niet zeggen tweeduizendtien, maar consequent twintig-tien tegen het jaar dat gaat komen. Doen jullie mee?

Dit plaatje heeft helemaal niks met deze log te maken, maar het is wel een heel mooi plaatje.

U kunt zich melden bij de poli erfelijke tumoren

Ik ren niet meer achter mijn tiet aan.
Ik ren weer gewoon lekker op weg naar de volgende prestatieloop, op weg naar mijn volgende record.
Ik vermoed dat ik ga bibberen en glibberen, zondag aanstaande. Het schijnt koud te worden. Jummie, lekker.
Ik ben er klaar voor. En ik heb er nu al zo ontzetten veel zin in!

Vandaag pakte ik De Enveloppe weer even op, tegen alle afspraken in. Ik las alles nog eens goed door en zag toen pas dat ik die pokke-vragenlijst eigenlijk z.s.m. had moeten retourneren. Ja sorry, oeps. Moet ik me zorgen maken om het feit dat deze fout van mij mij aan mijn reet roest?

Morgen op werk ga ik de kolere-lijst invullen. Wie er dood ging en waarom en op welke leeftijd.

Vanavond heeft Manlief mij gelaten. Ik heb lang in het donker voor het keukenraam gestaan. Uiteindelijk heb ik hem verteld waar ik nu sta. Voor zover mijn wijsheid strekt, heb ik alle mogelijke senario’s de revu laten passeren…en ik heb bedacht welke acceptabel zijn en welke onder geen beding.  Manlief keek me aan, en gaf me vervolgens een van de meest liefdevole knuuffels die ik ooit heb gekregen…

***coda***

De enveloppe zei dat de uitslag van het onderzoek (als dat al plaatsvind) wel 3 tot 6 maanden kan duren…

Dat gaat de Repel dus niet afwachten. Toch?

On the fourth day of Christmas…

On the fourth day of Christmas werd ik moeder. Acht jaar geleden.

Tot die dag was ik Repel. Ik was een echtgenote, ik was een dochter, een zus, een nichtje en een vriendin.

Oudste maakte mij een moeder. Op 28 december 2001.

En al acht jaar lang maakt Oudste mij gelukkig en trots. Gelukig en trots dat ik de moeder van deze jongen mag zijn.

Nog eens acht jaar en hij mag op de brommer.
Nog eens acht jaar en hij zal een kop boven mij uitsteken.
Nog eens acht jaar hoop ik dat hij mij nog steeds een afscheidskus wil geven als ik naar werk ga.
Nog eens acht jaar zal hij hard richting volwassen gaan.

Ik weet zeker dat hij een schitterende vent gaat worden. Zowel qua karakter als qua uiterlijk.

Geplaatst in De Daltons, Repel. Categorie: , . 33 Commentaar »

Kerst bij de brandweer is…

Kerst bij de brandweer is…

…erachter komen dat mannen wel degelijk tafels kunnen dekken, Indische rijsttafels kunnen maken voor 20 man, een boom kunnen optuigen…en in een moeite door ook nog eens de stad kunnen redden!


…eindeloos achter de computer mogen zitten zonder dat mama er nu ook wel eens een keertje achter wil (opm. redactie: het is geen iMac). He Glibber: bekende foto he!

…eindeloos mogen voetballen met plastic kerstballen in de huiskamer en eindeloos mogen darten

…toch nog met het gezin met kerst samen kunnen zijn…samen met zijn ‘andere’ familie. De ploeg bestaat momenteel alleen uit mannen; ’s avonds gingen er 8 vrouwen alleen naar huis. Maar we hadden wel met onze mannen èn onze ‘extended’ familie gegeten met kerst

Kerst bij de brandweer is…

…met 8 vrouwen aan tafel zitten…vol verwondering kijkend naar 8 mannen die direct na het eten afruimen, afspoelen, afwassen, toetje verzorgen, …Manlief hoort niet meer bij de jonkies en ik hoor dus ook bij de meer ervaren brandweervrouwen…maar je zag de vrouwen van die jonkies kijken: “Doettie thuis nou nooit!”

Kerst bij de brandweer is…

…een mijl op 7 als je veuls te laat weer naar huis moet met 3 Daltons die eigenlijk alleen maar paprika chips, patat en een hap frikadel hebben gegeten en tot op het bot vermoeid zijn…
…een drama als je, alleen, 3 oververmoeide mennekes in bed moet krijgen…
…wellicht wel de mooiste traditie die wij hier in Casa Repel hebben.

Doe je voorzichtig vannacht, spuitgast van me?

Geplaatst in Party of Five. Categorie: , , . 21 Commentaar »

Tradities

Ik kan niet zo goed uitleggen waarom het woord bij mij een negatieve bijklank heeft; tradities. Maar dat heeft het wel een beetje. Alsof het neigt naar routine en sleur en verplichting. Maar ook dat is gek, want ik hou van sleur en zeker van de sleur zoals wij die hebben, het is niet de eerste keer dat ik er woorden over vuil maak. En nu ik de foto’s van deze decembermaand van ons gezin zit te bekijken, besef ik dat ons gezin een hele bijzondere en traditionele decembermaand heeft. Een bizar drukke maand, maar een traditionele en een fijne.

De gekte begint bij ons eigenlijk pas goed als de Goedheiligman weer vertrokken is naar Spanje. Zo snel mogelijk daarna tuig ik de kerstboom op. Ik ben dol op dat moment: de boom! En steevast elk jaar, zo rond Oud en Nieuw kan ik niet wachten om dat kolossale ding weer mijn kamer uit te werken!


Manlief en ik vieren in december ons jubileum en dit jaar bereikten we de 10 jaar-mijlpaal. En dus gingen we met z’n allen uit eten. En traditioneel eten de kinderen dan een frikadel, Manlief een enorm stuk vlees en ik carpaccio.

Sneeuw is helaas niet een jaarlijkse traditie, maar als er sneeuw ligt, trekken wij traditioneel A.L.L.E.S. uit de kast. Met onze supersonische slee (we hebben geen geld, jongens maar spúllen dat we hebben!), mega-sneeuwballengevechten en dito sneeuwpoppen. (De credits voor deze sneeuwpop moeten we delen met de buurt.) En de sneeuwbal sneeuwhomp die Oudste vast heeft, kreeg Manlief even later in zijn nek.

Een week na ons jubileum is Manlief jarig, de dag voor kerst. Hij was een heus kerstkindje, nu is hij dus een kerstman. HO HO HO!!! En traditioneel vieren we dat niet in december, maar pas in januari samen met mijn verjaardag omdat we nog enkele traditioneel erg drukke dagen voor de boeg hebben, namelijk de kerst, de verjaardag van Oudste en Oud en Nieuw.
Met zoveel feestdagen in een maand zitten er altijd wel een paar tussen dat Manlief moet werken. Meestal zijn we één kerstdag samen. En traditioneel zijn we dan samen thuis: visite is welkom, maar wij gaan zelf niet op sjouw familie of vrienden af, anders hebben we helemaal geen kerstmoment als gezin samen. In een drukke maand als deze moeten we ervoor waken dat we niet geleefd worden.

Nu is het tweede kerstdag, Manlief is naar de kazerne en ik zit nog steeds in mijn ochtendjas. En traditioneel ratelt Oudste nu al over zijn verjaardag over 2 dagen: ikbenbijnajarigikbenbijnajarigikbenbijnajarig!!!! En zoals altijd als ik alleen ben op een feestdag, hebben Manlief en ik al een paar keer met elkaar gebeld en doe ik het rustig aan met de Daltons. Oudste kijkt eredivisie live, Middelste zit achter zijn Gamecube, Jongste heeft een van de DS’en van zijn broers te pakken en ik zit achter de compu. Je kunt ons zo uittekenen. Ik denk dat ik zo speculaasjes met ze ga bakken. Maar eerst moet ik de puinhopen van het kerstdiner opruimen en de keuken boenen.

En vanmiddag laad ik mijn auto vol met Daltons en rijd ik richting kazerne. Traditiegetrouw zijn de gezinnen van de dienstdoende ploeg uitgenodigd voor een kerstdiner op de kazerne. En ook dit jaar wordt het de traditionele Indische rijsttafel.

Niks mis mee, met tradities. Helemaal niks mis mee.

Geplaatst in Party of Five. Categorie: , . 17 Commentaar »

Een klein slim larfje

Middelste is het afgelopen jaar tot school dood-, en doodongelukkig geweest. Veel te laat kwamen wij er achter hoe de vork in de steel zat: dat hij gezien zijn leeftijd op de crèche thuishoorde, maar dat hij op een intelligentietestje vanaf 6 jaar, ver, héél ver boven het gemiddelde scoorde. En dat matched niet. En als niemand dat in de gaten heeft, krijg je daar een heel ongelukkig jongetje van.

Eenmaal op school bloeide hij op; wij kregen onze oude en vertrouwde vrolijke Teigetje weer terug. Hij kreeg uitdaging en als een spons zoog hij alles op. Middelste is nog maar een heel klein larfje. Met zijn verjaardag in juli zal hij maar kort kleuteren en zal hij altijd een jonge leerling zijn. Hij zit anno nu nog maar een paar maandjes op school, in groep 1. Maar hij vindt het nu wel genoeg geweest. Hij heeft het wel gezien in groep 1, zo zei hij me. Maar hij is nog een veuls te klein larfje voor groep 2. Ik zie dat hij qua taal en rekenen dingen doet en snapt waarvan ik denk dat het van het niveau groep 3 is, en hij heeft het zich allemaal zelf aangeleerd. Maar Joost mag weten wat hij nog meer kan en weet, ik heb geen idee. Toen hij een paar dagen later verkondigde dat hij school saai vond en niet meer wilde gaan, ben ik naar de juf gestapt.

Misschien was ik drie stappen te vroeg. Maar het laatste wat ik wil, is te laat zijn zoals het laatste jaar op de crèche. Dat verdrietige jongetje wil ik niet meer zien, zo ongelukkig opgesloten in zijn eigen wereld wil ik hem niet meer meemaken. De laatste schooldag voor de kerstvakantie werd ik gebeld door de juf. Een onderwijsassistent een paar taal- en rekentestjes met hem gedaan en ze gaan op basis daarvan een speciaal programma voor hem ontwikkelen. Hij blijft lekker in groep 1, want hij is nog maar een klein larfje van nog maar vier-en-een-half. Hij hoort nog lang niet in de schoolbanken van groep 3 en hij hoort ook niet tussen kinderen met de leeftijd van groep 3. Maar hij heeft wel meer nodig dan wat groep 1 hem kan bieden.

Ik moet zeggen dat ik het best een beetje lastig vind. Ik had gedacht dat de verveling -als hij al zou toeslaan- pas in groep 2 zou toeslaan, maar nee, tegen de kerstvakantie in groep 1 zijn we al zover. Ik dacht ook dat ik een beetje te vroeg aan de bel trok, maar de school maakt er meteen en serieus werk van. Het is leuk als je kind snugger is, maar in dit geval maak ik me een beetje zorgen. Als je héél erg snugger bent, is het leven ook een beetje ingewikkeld. Het is wat de kinderpsycholoog zei: het is niet eenvoudig als je vriendje vraagt of je naar kabouter Plop hebt gekeken terwijl jij je afvraagt hoe groot het heelal is.
Toen wisten we niet of het zover zou komen en eigenlijk weten we dat nog steeds niet. Ik hoop dat hij gewoon lekker slim is. Dat maakt het leven lekker te leven: als je door school kan fietsen met twee vingers in je neus, heb je je handen vrij voor andere ingewikkelde zaken in het leven. Maar als hij slimmer is dan lekker slim, of nog veel slimmer, dan sta je weer voor hele andere uitdagingen, denk ik.

Nou ja, ‘t zal komen zoals het komt. Maar ik hoop dat we voorlopig weer een goede keuze hebben gemaakt.De tijd zal het moeten leren…handig, als je zoals ik zo weinig geduld hebt.

Rennen of vluchten, that’s the question

Sinds Oktober Borstkankermaand KnobbelInBorstOntdekMaand is mijn hardloopgedrag een tandje of twee fanatieker geworden. Ik vond hardlopen altijd rustgevend en kalmerend en enerverend tegelijkertijd, maar sinds oktober werd het hardlopen ook een vergeetmechanisme. Ik rende heel hard weg voor de knobbel in mijn borst.

Maar je borsten zitten aan de voorkant van je lijf, dus hoe hard je ook loopt, je blijft- plastisch uitgedrukt- letterlijk achter de feiten aanhollen. Weglopen (héél hard) heeft dus geen zin. Mijn tiet loopt gewoon héél hard voor mijn feiten uit.

Hardlopen vind ik heel, heel fijn. Met tussenpozen loop ik al sinds begin jaren negentig. En het maakt niet uit of ik er jaren mee stop: zodra ik het weer oppik, ben ik er goed in. Er gewoon heel erg goed in. Ik heb er het lijf voor. En ik heb er de instelling voor. Sterker nog; het is een van de weinige dingen waarvan ik, zonder twijfel, zonder enige terughoudendheid, keihard en heel arrogant durf te roepen dat ik er verschrikkelijk goed in ben. En ik vind het leuk. Heel erg leuk. Ik hou van de kadans, ik hou van het zweten, ik hou van het tot snot gaan voor een goeie tijd. Ik hou ervan om achteraf een kwartier onder een gloeiendhete douche te staan. En ik hou van het gevoel dat ik heb na die douche.

Dus ik wil niet hardlopen om te vluchten. ik wil mijn hardlopen niet vervuilen met plaatsvervangende negatieve meuk. Dus heb ik een paar dagen geleden de knop omgezet:

Ik ren niet meer ergens van weg, ik ren weer ergens naartoe. Net als in het pré-knobbel tijdperk. Zoals het hoort. Toen was mijn doel de 10k binnen het uur en wellicht later binnen 55 min. Dat doel heb ik allang gehaald. (Been there, done that…hihi, ik ben goed in hardlopen…)
Vanaf nu is hardlopen weer gewoon hardlopen en Knobbel in Tiet mag lekker voor me uit lopen. Hij mag mijn haas zijn. Hardlopen is weer leuk rennen naar mijn volgende doel: de halve marathon.

Vandaag rende ik een heel lang loopje door de sneeuw. Ik rende 12k door het weeralarm heen. Ik rende door de sneeuw en in de sneeuw. En ik genoot. Het was zo mooi. Door de polder, door het park, langs de sneeuwpoppen en langs de sneeuwbalgevechten. Door losse sneeuw hardlopen is net als lopen door mul zand. Loeizwaar. Vandaag was hardlopen weer genieten. Mijn knobbel is 13 januari pas weer aan de beurt.

De Grote Boze Buitenwereld

Voor het eerst in de opvoeding van onze kinderen staat de boze grote buitenwereld op de stoep. Sterker nog: in de klas.

Het was vandaag de laatste ochtend voor de kerstvakantie en het was de zogenaamde speelgoedochtend. De kinderen hadden de middag vrij en de ochtend zou er alleen gespeeld worden en ze mochten speelgoed van huis meenemen. Onze twee oudste Daltons togen aldus met hun Nintendo DS richting school. Om 12 uur pleegde ik vanaf werk een telefoontje naar huis om te informeren hoe het was geweest. Ik kreeg Oudste aan de lijn:

Ik: Hoe was het?
Hij: Het was een dag met een vraagteken
Ik (verbaasd): Hoezo?
Hij: Mijn DS was kwijt. We gingen buitenspelen en toen we terugkwamen was mijn DS weg
Ik hing aan zijn lippen
Hij: Van de juf mocht niemand weg tot mijn DS was gevonden
Ik hoorde mijn hart bonzen…de DS was dus niet zomaar kwijt, maar gejat. In groep 4, mind you. Ik wilde razen en tieren, maar ik wilde eerst luisteren
Hij: Ze heeft in de jassen gekeken en in de tassen en uiteindelijk vond ze hem in de tas van klasgenootje X
Mijn brein draaide overuren…
Hij: Maar X wist ook niet hoe die daar kwam. Gek he? Dus het was een dag met een vraagteken
Ik slikte De-Vloek-Der-Vloeken-Aller-Tijden in….
Ik: Gelukkig is je DS terecht! We praten er vanmiddag wel verder over

’s Middags bleek dat ik Oudste niet zoveel hoefde uit te leggen. Hij zei: “Of het was X, of het was iemand die X niet mag en hem de schuld wil geven. Maar X was de enige die naar binnen is geweest tijdens het buiten spelen”

X is de jongen die vaak in te kleine schoenen loopt en in te kleine broeken.
X is degene die zijn schoen vaak voor Sinterklaas heeft gezet zonder dat er iets in zat.
X is degene die het heel erg slecht doet op school.
X is degene die het sociaal moeilijk heeft om mee te komen.
X is degene die altjd straf krijgt, altijd vecht.
X heeft geen vriendjes , wordt nooit gevraagd op partijtjes.
X is nog maar 7 jaar oud.

Voor Oudste is school een eitje; hij loopt anderhalf jaar voor.
Voor zover het in onze macht ligt, geven wij hem het warmste nest dat we kunnen geven.
Oudste krijgt alles wat zijn hartje begeert. Sterker nog: en nog heel veel meer.
Oudste heeft twee grote beste vrienden en hij heeft zijn sport.
Oudste heeft zelfvertrouwen.

X steelt (vooralsnog nog steeds ‘allegedly’) de DS van mijn kind. Ik zou uit mijn plaat moeten gaan, als moeder, en hem willen kielhalen. Toch? Nee. Niet zo. Stelen is niet goed, maar de ernst moet je niet alleen meten langs de morele lat van de kille daad gezien vanuit de blik van een volwassene. X loopt in schoenen die hem te klein zijn. Letterlijk. In kleding die hem te klein is. X is een buitenbeentje. Geen DS hebben op speelgoedochtend is daar alleen maar een symptoom van. Ik bedacht me dat X zomaar slachtoffer kan zijn van een “gelegenheid maakt de dief”-moment. Hoe dan ook: stelen is niet goed, maar het kind is 7, het is als buitenbeentje zijnde nu ook nog publiekelijk aan de schandpaal genageld door de controle van de juf. Terecht, heus wel, maar het lijkt me meer dan straf genoeg, zeker gezien zijn sociale positie op de ladder in die klas. Want het ventje is er niet mee geholpen, wordt er niet beter van. Ik weiger te geloven in een straf die alleen maar recht doet aan boetedoening…al helemaal als je pas 7 bent. Maar ik heb zijn vader gezien: het zou zomaar kunnen dat de straf van zijn vader, als hij het te weten gaat krijgen, weleens oneindig erger zou kunnen wezen dan mijn morele standaard ver gaat. Kortom: hoe je het ook wendt of keert….X  trekt aan het kortste eind. Hij heeft straf, al zijn klasgenootjes weten het, hij heeft nog steeds geen vriendjes en hij heeft nog steeds geen DS. En het kan alleen maar erger worden. En hij is pas 7. Oudste daarentegen heeft zijn DS nog steeds, hij heeft het begrip van zijn ouders naar aanleiding van zijn eerste ervaring met diefstal en hij heeft zijn beste viendje te logeren.

Ik pieker en ik peins. Na de vakantie ga ik met juf praten. Ik ga sowieso geen contact opnemen met de ouders van X. Ik heb wel gepraat met Oudste. Ooit heb ik hem moeten uitleggen dat enge mensen met enge bedoelingen er niet perse eng uit hoeven te zien maar soms juist erg lief over kunnen komen als ze je willen meenemen vanuit de speeltuin, of zo. Nu moest ik uitleggen dat je je fiets op slot moet zetten en je geld moet opbergen….ook voor klasgenootjes, ook voor elftalgenootjes, ook voor…iedereen, basically.

Eigenlijk weet Oudste het wel. Eigenlijk heb ik het voor mezelf moeten uitleggen. Het liefst zet ik mijn fiets op werk ook niet op slot. We zijn toch collega’s? Eigenlijk laat ik ook het liefst mijn tas slingeren als ik met vrienden weg ben…we letten toch op elkaar?

Als klap op de vuurpijl legt Oudste nog eens aan Middelste uit waarom hij niet zomaar moet weglopen uit de speeltuin zonder het aan papa of mama te vertellen. Zijn morele kompas wijst zonder enige afwijking, haarfijn naar het noorden. En zijn kompas is loodzwaar. Had ik hem niet een beetje woede moeten bijbrengen, in plaats van begrip? Want begrip heeft hij zat. Maar heeft hij wel genoeg boosheid en weerstand?

Geplaatst in De Daltons, Repel. Categorie: , . 35 Commentaar »

Pas als

Pas als de kerstvieringen van school in de avonden zijn gevierd;
Pas als ik heb bijgeklept met Vriendin die langskomt;
Pas als wij uit eten zijn geweest voor ons jubileum;
Pas als Oudste en ik naar Feyenoord zijn geweest;
Pas als ik verkleed de kerstloop van 10,5 km heb gelopen;
Pas als ik heb geshopt voor een verjaardagskado voor Manlief;
Pas als er 3 strijken zijn weggestreken;
Pas als er 5 wassen zijn gedraaid;
Pas als er 10 wassen zijn opgevouwen en opgeborgen;
Pas als ik vrij heb van werk ergens eind volgende week;
Pas als De GRote Kerstboodschappen zijn gedaan;
Pas als ik mijn voorkant heb gevonden om te checken of ik van achteren nog leef…

Pas dan heb ik tijd om weer te loggen en te lezen. Tot die tijd is de log een weekje in winterslaap.
Welterusten. Het is ongelofelijk maar waar: De Repel heeft geen tijd voor haar log en haar medebloggers. De Repel heeft iets verkeerd aangepakt omtrent haar prioriteiten ;-)

Geplaatst in Beslommeringen, Repel. Categorie: . 18 Commentaar »

Tien jaar geleden in zee gegaan

Ik wist welk brandweervlees ik in de kuip had, toen ik in die koude nacht, ergens in december 1999, besloot dat dit niet zomaar een date was. Deze was voor het echie.
Hij en ik hadden allebei al jaren samengewoond met respectievelijke exen. Maar toen we vrijgezellig elkaar voor ‘t eerst in de ogen keken op de 9e van de 12e, toen was het direct ‘beurd. En de deal werd spreekwoordelijk in beton gegoten op de 17e.
Donderdag aanstaande is dat dus 10 jaar geleden, die 17e. Donderdag aanstaande gaan wij met de Daltons uit eten. Met z’n vijven. Donderdag ga ik mijn gratificatie, die ik vrijdag met toespraak en al heb gekregen, besteden om met mijn lieve Manlief en met onze drie Daltons uit eten te gaan voor ons jubileum. Ik kan me werkelijk geen mooier doel voor mijn  gratificatie voorstellen. Ja, ja-ha, ik houd natuurlijk wat over van de gratificatie…don’t worry, dat deel heb ik ook al uitgegeven.

Vandaag was het nog geen donderdag, het was pas zomaar een zondag, maar op die paar lullige dagen na tot het uur-U, was het een Uberdag..

10 jaar…in die 10 jaar dit hebben wij dit geproduceerd, een heel gezin aan Daltons…

Ik kan het niet laten, ik zie zoveel boten…het lijkt wel file. En omdat mijn zwager iets doet met boten en offshore, dacht ik….effe zooooooomen…..Mooi he?

Middelste heeft heel, heel, heel veel naar de horizon gekeken….

Ik nam deze foto…en dacht direct aan een foto van nog geen jaar geleden…

…deze foto….3 januari 2009 versus 13 december 2009…dezelfde kerels, een jaar later…

Ja, Jongste, we weten het: jij en papa, papa en jij….jullie doen het mooi samen…

Geplaatst in Party of Five. Categorie: . 27 Commentaar »

Komt een vrouw bij de kapper

Komt een vrouw bij de kapper. Ken je die? Van die vrouw die bij de kapper komt? Nou, d’r komt een vrouw bij de kapper…

Daar zat ik in de kapperstoel met mijn smeekogen: “HELP MIJN HAAR VALT UIT!”. Kapper keek naar mijn haar en liet zijn handen erdoorheen gaan. Heb je stress gehad, vroeg hij. En toen zat ik daar ineens te huilen in die stoel. Waar dat nou ineens vandaan kwam wist ik niet, maar ik zat ineens te janken. En niet om mijn haar.
Kapper ging verschrikt een kopje koffie halen en ik deed na dat bakkie troost mijn verhaal. Kapper en ik kennen elkaar al een paar jaartjes: hij heeft mijn bruidshoofd nog gedaan. Hij is behalve een hele goeie knipper ook een hele goeie kapper in die zin dat hij net de plaatselijke dominee is: je kan er altijd je verhaal kwijt.

Zijn kundige mening: mijn haar is alleen maar verzwakt. Ik word niet kaal. Je haar is een graadmeter van hoe het met je gaat. (Tja, dacht ik met mijn bio-achtergrond: sneldelende cellen, kan wel kloppen.) Er zitten geen kale plekken: overal zit haar, uitvallend haar en nieuw haar. Maar ik hoef niet bang te zijn dat ik kaal word. Maar mijn haar zit in een versnelde fase: het valt sneller uit, maar het komt ook sneller terug. Dat het gebeurde na het verven, had niks met het verven zelf te maken. Dat was een soort toeval toeval: dat was hetzelfde als door je rug gaan op de dag dat je eindelijk vakantie hebt. Hij vertelde me welk vitaminesupplement zou moeten werken. En ik vertrouw hem wel. En als de plaatselijke dominee, psycholoog en medicijnman zei hij ook welk supplement goed voor het rennen was (hij rent zelf ook), want ik moest mezelf niet uitputten, dit middel was goed voor het herstel van mijn spieren.

Vervolgens kapte hij me schitterend, er hoefde maar een centimeter of vijf van af, en verdomd als het niet waar is, hij knipte en föhnde er een derde van het volume bij.

Heur haar met een stukkie boom en de mooie krans van Tuttemerrul. (De boom is zwart-zilver, die gekleurde dingen zijn chocolaatjes, geen ballen!)

Geplaatst in Repel, Uncategorized. Categorie: , . 22 Commentaar »

Een oude dame

Ze poept wel 10 keer per dag naast de bak.
Ze heeft mijn bank geruïneerd omdat ze altijd ‘een nageltje bijzet’  als ze erop springt.
Ze snurkt.
Haar dieetvoer kost een godsvermogen.
Ze heeft roos.
Ze is niet altijd even aardig tegen de nieuwkomers.
Ze is dik. Niet zo dik als vroeger, maar nog steeds dik.
Ze is stram.
Ze loopt een beetje mank.
Ze heeft denk ik een kleine attaque gehad want ze lijkt wel een beetje veranderd ineens, een week of 4 geleden.
Soms zit ze liever bij Manlief dan bij mij.

Maar ze is wel mijn Lewis. Mijn Lewis-de-Pewis. Ze spint en ze is aanhalig en ze knuffelt zo lekker. En ze houdt van ons.
Ze heeft haar broer nu al bijna een jaar overleefd en met alle gebreken hoop ik dat ze nog veel ouder wordt.
Maar ik geloof dat ze, voor haar doen, echt oud is. Een heel oud besje.
Twaalf is sowieso oud voor een Brit, maar als ik eerlijk ben is ze zo langzamerhand ‘op’  aan het raken.

Maar, je ziet het er niet aan af. Ze is nog steeds prachtig. En dat zonder plastische chirurgie. Daar kan La Paaij nog een puntje aan zuigen!
Kijk haar eens mooi wezen. Zeker met mijn nieuwe flitser. Wisten jullie al dat ik een nieuwe fliepser heb?

Mijn haar. Mijn ijdelheid der ijdelheden

Mijn haar.

Na de geboorte van Oudste besloot ik, de oen die ik was, om het af te laten knippen. Dat hele lange was zo handig niet met een baby, dacht ik toen als kersverse moeder. Dus ik liet een ‘vlotte korte bob’  knippen. Maar al heel snel had ik spijt van als haren op mijn hoofd, en sindsdien ben ik bezig het weer lang te laten groeien. En nu is het eindelijk weer zo lang. Het is verschrikkelijk lang. Ik en mijn lange haar, mijn lange haar en ik.

Toen ik een knobbel in mijn borst voelde was het niet het eerste waar ik bang voor was. Ook niet het tweede en ook niet het derde. Maar ergens al heel snel schoot chemo = kaal door mijn hoofd. Mijn haar, mijn lange haar! Toen de knobbel goedaardig bleek ben ik 10 kilometer gaan hardlopen en voordat ik ging douchen ging ik mijn haar verven. Ik doe het heel vaak tussen twee kappersbeurten door; ik grijp een willekeurig merk uit een willekeurig schap en het gaat altijd goed. Maar niet deze keer. Toen de verf was uitgespoeld en de cremespoeling 5 minuten was ingetrokken, ging ik die uitspoelen. En toen voelde ik ‘iets’ langs mijn kuiten en ik keek naar beneden:

Complete strengen haar liepen langs mijn lijf het putje in. Hele plukken haar vielen uit mijn hoofd. Mijn hart schoot in ritme 200 en ik voelde al mijn bloed naar mijn hoofd schieten: MIJN HAAR!!! HELP!!! Ik dacht meteen aan die ziekte waarbij je helemaal kaal wordt, dat je geen haar op je lijf meer overhoudt, ook geen wimpers. De volgende ochtend toen ik wakker werd durfde ik bijna niet naar mijn hoofdkussen te kijken. ik was ervan overtuigd dat de rest van mijn haar daar lag.

Dat bleek niet het geval, maar ik heb twee weken lang enorme haaruitval gehad. En ik heb wel honderd euro uitgegeven aan haarmiddeltjes, haarwater, vitaminepillen, smeerseltjes, antihaarbreuk, …, noem maar op. En verhip, de ergste uitval lijkt nu te zijn gestopt. Maar ik denk dat ik een derde kwijt ben. Maar ik weet het niet zeker. Ik beijk alle foto’s van het afgelopen jaar onder een loep. Is het minder erg dan een derde, of erger? Zaterdag moet ik naar de kapper: hij mag het niet verven, hij mag het niet föhnen. Hij mag kijken en mij vertellen wat de schade is. Hij mag me ook zeggen dat hij alweer nieuwe haartjes ziet komen. Ik ben bang dat hij gaat zeggen dat er een heel stuk afmoet. Oh, mijn lange haar. Mijn dunne lange haar.

Ik weet dat het raar klinkt, maar het is een deel van mijn identiteit, een deel van mij, mijn haar. Nog meer dan mijn borst, mijn stomme borst met die eeuwige stomme rotknobbels. Ik raak nog liever dat ding kwijt dan mijn haar.

Geplaatst in Repel. Categorie: , . 22 Commentaar »

He! Er is geen bal op de tv…alleen een film met…

We schrijven 1989. Het begin van de commerciële televisie in Nederland. Heetten ze Veronique, of RTL10 of zo? Hoe dan ook, ze begonnen met het uitzenden van een juweeltje genaamd As The World Turns. En de Repel kijkt anno nu, 2009, al 20 jaar naar dit culturele hoogstandje. Gisteren kwam het nieuws dat het Amerikaanse CBS de stekker eruit trekt. De Repel is in shock; wat moet ik zonder Lucinda, zonder Holden, zonder Carly?
Blijft er dan niks over dan Dr. House en mijn logwereld?

Ik moet serieus mijn wereldbeeld gaan bijstellen zonder Oakdale, tjemig.

Geplaatst in Repel. Categorie: . 21 Commentaar »

Een blijde boodschap van de Ooievaar

Nee-hee, jongens, ik ben nog steeds niet zwanger. Want als ik zwanger zou zijn, zou ik iets uit te leggen hebben aan Manlief: de enige verklaring voor een zwangerschap van mij waarbij ons huwelijk stand zou houden is namelijk het concept ‘onbevlekte ontvangenis’. En aangezien hij, noch ik daarin geloven….nou ja, jullie snappen het wel.

Nee, ik ben dus niet zwanger. (Boe-hoe, huilen de hormonen mijn bejaarde eicelletjes: wij willen een vierde Dalton, wij willen nóg een jongetje! Wij kunnen het best nog wel!) Nee, nooit meer zwanger. Maar ik zag vandaag wel de ooievaar. Dokter Ooievaar. Nog steeds de kinderarts met de mooiste naam van het Noordelijk halfrond. Ik kan niet geloven dat het nog maar net een half jaar geleden is dat wij met de handen in het haar zaten. We hadden een doodongelukkig kind dat ook nog eens in zijn broek poepte. De psych doorgronde zijn en ons verdriet en dat was de helft van het probleem. En toen kwam dokter Ooievaar, en hij kwam en zag en overwon. En al was hij na 3 maanden niet direct zo tevreden als wij, vandaag was hij tevreden. Echt tevreden.

Middelste heeft het tussen de oren: hij zit niet verstopt, poepen doet geen pijn meer, en als hij moet, mag en kan hij het niet tegenhouden. Zelfs niet als hij zit te Wii’en. En dat gaat tegenwoordig als een tierelier. Wij mogen heel gestaag het aantal zakjes gaan afbouwen. Oh pardon, dat is jargon. ‘Zakjes’  zijn de zakjes laxeermiddel die we moeten oplossen in een beetje water (en dat luistert heel nauw: mam! je hebt er teveel in gedaan!) waarvan hij er in het begin 7 (!) per dag van kreeg. Nu al zitten we op 2. En we mogen heel langzaam gaan afbouwen naar 1….en na een paar weken naar om de dag eentje…en na weer een paar weken naar niks. En als we het vermoeden hebben dat we te snel gaan, mogen we weer meer geven.

En we hoeven niet meer terug naar de Ooievaar. En dat is maar goed ook, want mijn bejaarde eicellen komen achter hun rollator vandaan als zijn naam valt. Het wordt tijd dat ze rustig afsterven achter hun geraniums. Voor Middelste is het wel jammer, want hij kreeg elke keer als hij naar de Ooievaar moest een prinsessenballon en nu krijgt hij die dus niet meer.

Dus…to go out with a bang kreeg hij vandaag een extra klein ballonnetje mee. Een ballon, een ballon, een ballonnetje….kijk hem eens poseren met zijn ballonnetje. En het concept ‘poseren’ heeft hij bijna helemaal, maar nog net niet compleet, volslagen niet onder de knie; wat een verwrongen blik! Maar terecht trots. Net als wij.

Wisten jullie dat – Repel Style…

Jongens, ik heb bij velen van jullie wel eens een ‘wisten jullie dat’-logje gelezen. En ik vond ze bijna altijd leuk. En ik wilde dat al heel lang ook eens doen, maar het kwam er nooit van. Want meestal had ik al tienduuzend logjes geschreven over alles wat me bezighield (want ik schrijf nogal veel) dus meestal viel er nooit meer iets te wistenjulliedatten.

Maar nu, heb ik een heuse, echte, “wisten jullie dat”. Maar ik heb ‘um dan wel weer Repelstyle. Ik weet het, ik weet het, ga alvast maar weer zuchten: ‘Tjemig, Repel weer….’ Ja: Repel weer! Repel Proudly Produces: Wisten jullie dat…..Repel Style!

Wisten jullie dat:

* Ik vandaag mijn tweede loopje deed met rugnummer? Ja, want je Twitter staat op de log
* Dat ik vandaag mijn rugnummer keurig netjes, zoals het hoort, op mijn buik had gespeld? Ja, we figured as such….vanwege een van je vorige logjes
* Dat ik een über-belachelijk persoonlijk record heb gelopen op de 10k van 54minuten39seconden? Ja, ook dat heb je ge-twittered en ge-facebooked
* Dat het mooiste van het loopje was dat Manlief met 3 Daltons bij de finish stond? Ja, want wie had anders die foto kunnen maken die op facebook stond?
* Dat ik moest huilen omdat ik zo werd aangemoedigd door Oudste? Nee, dat wisten we dan weer niet…wat lief!
* Ik iedereen de hele dag heb lastig gevallen met mijn euforie? Ja-ha! Dat weten we!
* Dat ik eigenlijk wil roepen: ‘ik heb de 10k binnen fucking 55 min gelopen, y’all! Ja, dat taalgebruik zochten we eigenlijk altijd al achter je.
* Dat ik de hele dag al stuiter en hele mooie foto’s maak? Nee, hoe konden we dat weten?
* Dat ik een nieuwe flitser heb? Oh mijn god, nee, daar gaan we weer….ze heeft weer wat nieuws…dat worden weer een heleboel: ‘wisten jullie al dat ik een nieuwe heb’ logjes….

Ze heeft een nieuwe lens. En de nieuwe flitser en de net iets minder nieuwe lens zin verliefs op elkaar. We present:

Miss Marple

Watson

En Sherlock:

Geplaatst in Levende Have, sport. Categorie: , . 27 Commentaar »

DNA

Ik was een beetje vergeten te vertellen dat er een dikke enveloppe van de poli Genetica op de mat lag.
Afspraak staat in januari, dikke stapels formulieren moet ik invullen.
Niks doen en jaarlijks afwachten lijkt ineens heel erg aantrekkelijk. Wegsnijden en onbezorgd tietloos verder leven lijkt ineens ook erg aantrekkelijk, gek genoeg. Deze dikke, dikke enveloppe op 5 december op de mat was niet aantrekkelijk.
De afspraak staat exact 1 week voor mijn 39e verjaardag. Zelfs vergeetachtige Repel heeft daar geen agenda voor nodig.
Kom meid, jij Repel jij, we kunnen ‘m hebben. Maar we gaan eerst morgen hollen…nu ga je lekker slapen…

Elementary, my dear Watson: je krijgt wat je geeft…

Ik was van plan…

Ik was van plan een fotologje te maken over hele lieve mensen.
Over lieve mensen uit mijn vriendenkring en lieve mensen uit mijn internetvriendenkring.
Want ik heb zoveel kadootjes gekregen de afgelopen tijd.
En 5 december leek me nou bij uitstek dé avond om daar over te verhalen.
En een dank-je-wel-of-wat uit te delen.

Ik kreeg namelijk troostkadootjes, ik kreeg vriendschapskadootjes en ik kreeg kadootjes uit loglandacties.
De term ‘kadootjes’ moet je in de breedste zin van het woord opvatten: ik kreeg zowel heuse echte fysiek tastbare kado’s, als virtuele kado’s met mooie intenties.
Kado’s in de breedste zin van het woord: ik heb zoveel steun ontvangen dat ik er bijna van omviel.

Ik was van plan een logje te plaatsen met foto’s die ik heb gemaakt van een aantal van die kado’s. Maar mijn mooie nieuwe lens (die zo nieuw niet meer is, ja ja, ik zal de disclaimer er zelf maar bij plaatsen) is nogal dik en groot (size does matter). En als ik probeerde foto’s van dichtbij te maken, was de lens zo dik dat de geïntegreerde flits van mijn camera vaak een schaduw van de lens over het beeld maakte.

Vandaag heb ik een flitser (liefkozend ‘fliepser’ genoemd) gekregen van Manlief, van mijn lieve man, mijn man zo lief. Een heuse externe profi fliepser met batterijen. En met mijn nieuwe fliepser maak ik zulke mooie foto’s met mijn (niet meer zo nieuwe) lens, dat ik de pré-fliepser foto’s met schaduw niet meer wil plaatsen. En dat is helemaal niet erg.

Want zij had zelf al een hele mooie foto gemaakt van de kaart die ze helemaal speciaal voor mij maakte in speciaal voor mij geselecteerde herfstkleuren toen ik een knobbeltje in mijn borst ontdekte. Om me een hart onder de riem te steken. Ze houdt niet van seriewerk, ze is exclusief…dus als jullie ooit eens een hele speciale, unieke kaart willen…ik weet wel een adresje. Onbekenden van ons zijn zij en haar Lief overigens sowieso niet. Haar Lief was degene die deze onvergetelijke maakte van mijn lief. Ik kreeg kaarten van velen van jullie en ik kreeg zelfs een eigen beschermengel, ik logde er al eerder over. En toen ik een keer zakelijk iets bestelde bij haar was ze teleurgesteld toen ze erachter kwam dat de bestelling kwam van iemand die ze al langer kent onder de naam “Repel”. Want dan zou ze wat extra’s hebben gedaan. Maar wat ze voor de, voor haar, anonieme besteller had gedaan was al zo verzorgd, zo speciaal en zo fijn dat ik het eigenlijk heel bijzonder vond: dit allemaal voor een anonieme eerste klant…wow…dat is bijzonder. Het tweede pakketje kwam met extra’s; ze kent me inmiddes bij naam en toenaam. Mijn mams vond mijn sieraad zo mooi dat ze het zelf ook wil hebben. En ik heb het voor haar besteld. Met het verzoek aan die mooie dame van tuttemerull dat het in januari moet worden bezorgd, op het adres van mijn mams, op haar verjaardag. Mijn mams gaat zo’n mooi pakket vast net zo fijn vinden als ik, zo niet nog fijner. Zij heeft ook al meerdere keren iets liefs gestuurd. En ik deed vervolgens iets spontaans toen bleek dat zij degene was uit logland die niets had gekregen uit Cisca’s actie. Ik vond dat oneerlijk, dus vandaag ging er een pakketje voor haar de deur uit. Een mensch mag ook wel eens iets goeds doen uit zichzelluf. Dat heb ik namelijk van haar geleerd:

“Je krijgt wat je geeft. Maar niet persé van dezelfde persoon, want dat zou saai zijn.”

Het is mijn nieuwe motto. En ik vaar er wel bij, mag ik zeggen.

Maar goed. Enough said. Tijd voor foto’s van mijn niet meer zo nieuwe lens in combinatie met mijn gloednieuwe fliepser.

Watson

En Sherlock

Geplaatst in Repel. Categorie: . 14 Commentaar »

Expressief, extravert en intens in alles

Ik zeg wel eens dat Jongste een draak is vermomd in een velletje schattig. Maar daarmee sla ik de plank eigenlijk mis. In de eerste plaats zit er totaal geen kwaadaardigheid in hem, in die zin is hij sowieso geen draak. Wat hij wel is, is een ondeugd, een wildebras, een doerak; hij is ontzettend intens. Wat ik bedoel met ‘vermomd’, is dat hij zo’n engelachtig uiterlijk heeft, met grote blauwe ogen waarmee hij zo zoet kan kijken, zo zoet en zo vol onschuldige verbazing en liefheid. Maar dat jongetje met die blonde blonde haartjes en die grote zoete blauwe ogen, kan zich vervolgens met een luide kreet bovenop zijn broer storten, of ineens een grote sliding maken met ware doodsverachting. Hij is intens. Hij beleeft alles in zijn leven intens. En hij is expresssief. Hij danst, hij schreeuwt, hij springt. En hij is net zo extravert als zijn moeder.

Zo intens als hij ondeugend is, zo intens is hij ook in zijn liefde. Hij geeft hele grote knuffels, hele harde knuffels. Met heel veel intense liefde.
En zo intens als hij in zijn liefde uiten is, zo intens is hij ook in zijn woede. Hij kan schreeuwen van boosheid en volslagen door het lint gaan. Ook dat heeft hij van zijn moeder.
En zo intens als hij in zijn woede is, zo intens is hij als hij ziek is. Een jaar geleden werd hij heel erg ziek op Lanzarote en wij leerden toen dat een zieke Jongste een kind van de buitencategorie is.

Vannacht werd hij om half 2 ontroostbaar huilend wakker, roggelend en blaffend als een zeehond met keelpijn. En bij hem is er dan maar één optie: in bed nemen en troosten. De tijd van sommige onhoudbare opvoedkundige principes uit het pré-kinderen tijdperk, zijn bij ons allang ingehaald door de realiteit. Hij is namelijk ook ontzettend intens in zijn verdriet en hij is nog veel te jong om zichzelf daar uit te kunnen trekken. Maar vannacht werkte ook het bij ons in bed nemen niet. Manlief stuurde mij naar zolder omdat ik de volgende dag moest werken. Maar zelfs een verdieping hoger met oorproppen kon ik het intens verdrietige en pijnijke huilen nog horen. Ik liep weer terug naar onze slaapkamer en toen Jongste mij zag, strekte het papa’s kindje zijn armpjes en huilde: “mama!” Zijn expressie was zo duidelijk dat ik deed wat hij wilde: ik ging met hem naar beneden. Ik ging op de bank zitten, met mijn benen gestrekt op de bank en honderd kussens in mijn rug. Jongste lag als een kleine baby in mijn armen op mijn borst. Ik heb de wilgentakken met mini-lampjes aangedaan en voor de rest alles uit. Het was stil en schemerig en de kleine ledlampjes brandden zwak maar veilig. Er kwam eindelijk een eind aan het lange huilen. Alleen zo getroost in die houding viel hij in slaap. En du moment ik hem slapend neerlegde, werd hij weer huilend wakker. Het was geen ik-wil-mijn-zin-krijgen-huiltje, die huiltjes ken ik namelijk ook, het was een ik-heb-zo’n-pijn-en-ik-ben-zo-verdrie-hie-hie-hie-hie-tig-huiltje. Er was geen andere optie dan hem weer in mijn armen te nemen. Ik ben wakker gebleven tot het tijd was dat de rest wakker werd. Jongste heeft al die tijd in mijn armen geslapen.

Ik heb mijn werk ge-sms’t dat ik kapot was, vrij nam, naar bed ging. Ik heb niet eens hallo of goedemorgen gezegd tegen de andere Daltons.

En voor de toekomst hebben Manlief en ik uitdaging. Wij gaan dit mannetje moeten leren hoe hij moet leren leven met zijn intense emoties, zijn hele spectrum aan emoties. En dat kan nog best wel een aantal nachtjes slaap kosten.

Geplaatst in De Daltons. Categorie: , , . 18 Commentaar »

Prestatiegericht

Ik zal er niet over liegen: ik ben er trots op dat mijn kinderen pienter zijn. Ik ben er trots op dat Oudste ruim anderhalf jaar voorloopt qua leesniveau, en qua rekenniveau misschien nog wel verder. Ik vind het leuk te zien hoe Middelste totaal opfleurt op school. Ik verbaas me erover hoe snel hij dingen oppikt, hoe hij nu al probeert (en erin slaagt) een beetje te lezen en te rekenen, koud 3 maanden in groep 1. En bij Jongste heb ik al helemal geen vraagtekens meer. Dat kind is wellicht nog pienterderderder dan zijn twee broers bij elkaar.

Maar ondanks dat ik ze graag goed zie presteren, vind ik het eigenlijk ronduit belachelijk dat Oudste in groep 4 notabene, elke dag huiswerk heeft. Hij krijgt huiswerk voor 3 weken per keer mee: elke week moeten wij als ouders een rijtje woorden bij hem erin stampen en aan het eind van die drie weken krijgt hij een dictee over die drie rijtjes woorden. En naast de 3 rijtjes komt er elke 3 weken een van de tafels bij. Deze keer is het de tafel van 5.

Wij hebben mazzel met een pienter mannetje: hij heeft op een uitzondering na alle woorden altijd in een keer goed, dus huiswerk blijft bij hem beperkt tot 1 keer per week dat rijtje opschrijven. En die tafels kent hij ook allang. Maar voor kinderen bij wie het niet zomaar komt aanwaaien, is het serieus blokken geblazen in een straf tempo. Die kinderen zitten echt elke avond te blokken met hun ouders. En dan vind ik groep 4 eigenlijk best heel jong voor zoveel huiswerk. Ik weet zeker dat ik geen huiswerk heb gehad toen ik in de tweede klas zat. En ook met mij is het goedgekomen.

Ja, ik vind slimme zonen leuk en ik mag het er graag over hebben. Maar mogen ze alsjeblieft nog even kind zijn? Deze maatschappij is al zo prestatiegericht, laat ze nou nog eventjes! Oudste is zo faalangstig als de pip en de lat wordt nu met zoveel nadruk al zo hoog gelegd. En Middelste is nog maar zo’n klein larfje, hij kleutert sowieso maar zo kort. Laat ze nou nog even kind zijn…

Geplaatst in De Daltons. Categorie: , . 39 Commentaar »

Mijn eerste keer: mijn uithoudingsvermogen wordt officieel vastgelegd

Zenuwachtig sta ik daar. Ik ben er een half uur te vroeg en ga wel drie keer per tien minuten naar de WC. Ik weet dat ik conditioneel die 10 kilometer met gemak en met één vinger in mijn neus aankan. Maar, ik heb het nog nooit voor het echie gedaan. Met een omroeper die heel Repeldorp kan horen en een rugnummer en met verkeersregelaars en met publiek. Ik ben in mijn uppie gekomen op de fiets. Ik heb geen eigen supporters bij me: Manlief is geveld door een hele nare oorontsteking ten gevolge van een oorperforatie bij een duikoefening. Lees: zijn trommelvlies is geklapt in den diepe, het oor lekt prut en Manlief heeft koorts en hoort geen moer en luistert dus ook voor geen meter, al zou hij het willen. (Pokke-brandweer.)

Ik ging aldus alleen, en met de zenuwen in mijn buik. Ik heb de 10 k in de benen, heus wel, maar ik snapte geen reet van de routebeschrijving. Mijn eigen looprondje lijkt zelfs een beetje op het rondje dat ik nu 2 keer moest doen in mijn bloedeigen durrep, maar ik snapte het niet en ik ben nerveus. Net alsof het mijn eerste schooldag was, liep ik met de zenuwen in mijn benen/blaas de kantine in. Ik moet me inschrijven….waar? Ik weet het niet! Mijn stoere gloednieuwe, pas 1 keer gedragen winter-outfit valt in het niet bij het profi-materiaal dat ik om me heen zie. Ik denk ineens dat ik het niet meer kan en ik ga maar weer een keer plassen. Ik heb mijn rugnummer heel netjes en nauwkeurig op mijn rug geprikt. En dan ineens zie ik om me heen àlle andere lopers met het nummer op de buik. Mental note to self: volgende keer nummer op buik prikken! You stupid woman!

Tegen de tijd dat ik voor het eerst onder een heuse digitale wedstrijdklok door mag lopen bij de start/finish, zijn mijn zenuwen weg. Het is guur, het is koud, het regent en het snijdt in mijn gezicht. Dit is mijn weer en 10 k is mijn afstand. Het startschot klinkt…iedereen juigt en pas als de klok op een seconde of 20 sec staat, loop ik door de start.

Na een meter of 200 drukte, heb ik pas ruimte om ‘mijn’ tempo te lopen. Ik zak in mijn tempo en ik hol. Ik haal in en ik word ingehaald. En na een meter of 800, lopen hij en ik ineens bij elkaar. We lopen gelijk; ons tempo is gelijk. Hij is een oudere man en mij totaal onbekend. Maar elke verkeersregelaar kent hem en elke supporter langs de weg kent hem. We lopen bij elkaar in de buurt en na een poosje lopen we naast elkaar, zo besluiten we dat zonder een woord te wisselen. Hij is duidelijk de ervaren loper. Ik ben net loper genoeg om te weten dat hij degene is die mij heeft uitgekozen vanwege mijn tempo, en dat hij degene is die het ‘constant lopen’  in de gaten houdt. Acht, 8 (!) kilometer lang lopen we naast elkaar. Nog steeds zonder een woord te wisselen. Maar wel op een-haar-na-aanraken-naast elkaar, expres. Is er een loopterm voor body language? Dat was het namelijk:  we hielden elkaar in de gaten bij bochtjes en bij inhalen. We bleven bij elkaar, we hielden de pas in, of we zetten even aan bij een hobbeltje om bij elkaar te blijven. Hij zei af en toe ‘dag’ en ‘hallo’ tegen letterlijk iedereen die hem onderweg herkende. Ik zei niks en herkende niemand, maar ik volgde zijn pas en hij de mijne. Toen we bij 9 kilometer waren, wist ik dat ik dit tempo had volgehouden dankzij hem. Ik was moe en zou net wat langzamer zijn gezakt zonder hem, zeg maar 10 seconden langzamer per kilometer. Maar we liepen samen, dus we lopen samen. Hij was mijn haas. Zo noem je dat in rennerstermen. Ik hield het tempo vol dankzij hem.

Op 9 kilometer zegt hij: Ik ga wat langzamer want ik ga toch voor de 15, hou vol en succes! De laatste kilometer hou ik vol in het tempo dat hij me de laatste 3 kilometer heeft gedicteerd ondnks de vermoeidheid. Ik kom over de finisch in 57 minuten en 10 seconden. Maar omdat ik niet exact weet waar de klok stond toen ik eronderdoor liep, laat staan dat ik corrigeer voor de eerste 200 meter, houd ik het op 57 minuten rond. Het kan alleen maar sneller geweest zijn.  Ik ben nog nooit zo hard gegaan, Het was een PR. Ik heb vanmiddag direct een multomap gekocht. Daar komen mijn loopjes in, met details. En al mijn startnummers. En mijn medailles.

Mijn eerste medaille heb ik vandaag met tranen van trots in mijn ogen in ontvangst genomen.  En ik schaamde me nul. Hier ben ik oprecht, heel, heel trots op. Toen ik thuis kwam, werd ik letterlijk met open armen ontvangen en de Daltons wilden weten: heb je het gehaald? was het leuk? Supporters hoeven niet perse bij de finish te staan…

 

Geplaatst in Repel. Categorie: , . 26 Commentaar »

Een nóg groter geheim dan Sinterklaas

Mijn vader en zijn vriendin hebben iets doms gedaan. Nou ja, eigenlijk hebben ze iets slims gedaan, maar toen draaiden ze door en deden ze iets doms. En toen hebben wij ook maar iets gedaan. Laat het me uitleggen.

Zij heeft besloten ontslag te nemen en nu zijn ze vrij om te gaan en staan waar ze willen. Dat was het slimme idee. Zij stopte met werken omdat wachten tot het kon/mocht, zou kunnen gaan wringen in de tijd. Mijn vader is namelijk nogal wat ouder dan zij is. De jaren om nog dingen te kunnen doen zonder enige vorm van serieuze fysieke belemmeringen zijn nu. Over 10 jaar liggen de kansen wellicht anders. Op het moment dat zij met pensioen kan, is hij al heel wat jaartjes verder. En al heb je dan nog heel veel jaartjes, fysiek ben je op je 75ste niet meer wat je bent op je 65ste, laten eerlijk wezen. Dus dat zij ontslag nam was de slimme aktie.

Dat ze vervolgens als een stel jonge honden impulsief 5 maanden naar La Palma boekten, was een iets minder slimme aktie. Wij vonden het prima hoor, we gingen ze wel missen, maar ja: ze zijn vrij om te gaan en staan en te genieten waar ze willen, dus dat moeten ze vooral doen. Maar naarmate het tijdstip van vertrek naderde begonnen ze tekenen van spijt te vertonen. Vijf maanden was toch wel héél erg lang. En ze hebben 6 kleinkinderen…6 maanden de kleinkinderen niet zien. Pfoeh! “Wellicht hadden we beter 2 maanden kunnen boeken”, begonnen ze schoorvoetend toe te geven…

Dus ze hadden het over halverwege een keer terugkomen, dus ze hadden het over dat wij een keer konden konden langskomen. Ze tobden wat af. De optie dat zij een keer zouden terugkomen was wel een hele dure optie en wij kunnen het ons ook niet veroorloven om met z’n allen langs te gaan zonder onze zomervakantie te schrappen. Het plan ontstond dat Oudste in februari een week langs kon komen, alleen. Maar toen botsten we aan tegen het feit dat angstige Oudste dat nog net niet aandurfde: hij wilde heus wel een week alleen bij opa en oma, maar hij durfde niet alleen te vliegen. En omdat hij twijfelde, durfden wij het al helemaal niet aan.

Dus opa en oma vertrokken en ze waren een beetje sipjes. En wij ook. Hier thuis gingen wij ook wikken en wegen. Oudste huilde de tranen uit zijn hoofd: hij ging opa en oma zo missen, 5 maanden was veel te lang. Sindsdien bellen Oudste en opa en oma elke week en sturen ze kaartjes. Manlief en ik hebben het er vaak over gehad en we gingen uiteindelijk om: mama en Oudste gaan samen naar La Palma in de februarivakantie. De ticket van Oudste wordt mede gesponserd door opa en oma, de goedkeuring om te mogen gaan en de geruststelling dat hier thuis alles goed gaat heb ik in drievoud op zak van Manlief.

Oudste blijkt ondertussen al die tijd te hebben verkondigd dat hij “zeker weten” zou gaan met mama, al wist hij dat het verre van zeker was. Lange tijd hebben we niet geweten of we de financiën rond zouden krijgen, of dat het aantal vakantiedagen voor 2010 toereikend zou zijn. Nu wij achter de schermen hard hebben gewerkt om het voor elkaar te krijgen en hij achter de schermen hard heeft gewerkt om het voor elkaar te krijgen, hebben we nog een besluit genomen. We laten hem bewust nog even bungelen: het gaat allemaal niet vanzelf! Dat mag hij best voelen. Hij weet al een jaar dat Sinterklaas niet bestaat. Manlief en ik beraden ons op het moment dat we hem gaan vertellen dat er een groter geheim is dit jaar.

De e-mailbevestiging is binnen. Bijna twee jaar nadat we samen naar Eurodisney gingen, gaan Oudste en ik samen naar La Palma. En de boodschap naar Middelste willen we heel duidelijk maken: jij ook! Niet nu, maar ook jij gaat dit meemaken. Hij gaat met papa naar Eurodisney 3 dagen lang als hij 6 is, net als Oudste. 1-ouder-op-1-kind. Die ervaring moet Manlief ook meemaken, dat is zo bijzonder! En als hij 8 is gaat hij ook met papa samen naar ver weg. Wie er mag Hoe we dat gaan doen met Jongste zien we dan wel weer, maar ook hij krijgt die kans.

Maar eerst ga ik met Oudste naar….La Palma! Tjemig, over minder dan anderhalve maand al. Maar mondje dicht he! Hij weet het nog niet!

Geplaatst in De Daltons, Repel. Categorie: . 25 Commentaar »

Stoere mannen in uniform

Twaalfeneenhalf jaar. Denk eens na: wat deed je 12½ jaar geleden? Had je toen je huidige baan al? Had je toen al kinderen? Had je toen je huidige partner al? Ik vermoed dat de meeste lezers ‘nee’ moet antwoorden op (in ieder geval op een deel van) deze vragen.

Mijn Manlief zat -om precies te wezen- in augustus 12½ jaar bij de brandweer. Maar vandaag was de officiële receptie. Met praatjes, met medaille, èn met officiële baton voor op zijn pak. Het grote boeket kreeg hij ook, maar die zijn we uiteindelijk vergeten mee te nemen.

Twaalfeneenhalf jaar bij de brandweer.
Twaalfeneenhalf jaar elke derde nacht van elke drie dagen op de kazerne slapen.
Twaalfeneenhalf jaar loze uitrukken, nare uitrukken, vieze uitrukken, grappige uitrukken, verdrietige uitrukken, heroische uitrukken, trotse uitrukken, hilarische uitrukken, emotionele uitrukken.
Twaalfeneenhalf jaar mensen gered, dieren gered.
Twaalfeneenhalf jaar soms mensen niet kunnen redden, soms dieren niet kunnen redden.
Twaalfeneenhalf jaar met hier en daar een incident onder eigen gelederen. Zijn telefoontje staat me nog voor de geest: “ik was het niet, bel mijn ouders om te zeggen dat ik het niet was.” De collega die er wel bij betrokken was, zat er ook vandaag. Ook met 12½ jaar; ze zijn samen binnen gekomen. Hij heeft in een brandwondencentrum gelegen, Manlief niet. Maar het had zomaar andersom geweest kunnen zijn. De andere collega die er ook zat met 12½, is ooit bij een brand door de vloer door een verdieping gezakt, meters naar benden.
Twaalfeneenhalf jaar.

Twaalfeneenhalfjaar lang je inzetten voor mens en dier, en voor schadebeperking. Met gevaar voor eigen leven. Een medaille en een baton is nog het minste!

Image Hosted by ImageShack.us

Image Hosted by ImageShack.us

Omdat elke brandweerman van Repelbuurdorp was uitgenodigd, inclusief de dienstdoende ploegen, was voor een centrale plek gekozen waar ook de brandweerwagens geparkeerd konden worden. De locale discotheek in het centrum dus. De Repel kwam er wel eens, in haar studietijd. Heel, heel erg lang geleden. De jongens hadden zich erop verheugd: een disco! En ze vermaakten zich kostelijk op het podium. En ze vermaakten zich kostelijk met alle andere kindjes….

Image Hosted by ImageShack.us

Het liedje waar hij op danst is “Billy Jean”…

Image Hosted by ImageShack.us

Na een uur dansen en rennen is deze meneer het beu….hij tekent liever met de meisjes. Smart boy!

Image Hosted by ImageShack.us

Geplaatst in Manlief. Categorie: , . 29 Commentaar »

De Soap van mijn Borst: Een Nieuwe Invalshoek

Gisterochtend zat ik bij mijn huisarts. Ik wilde eens met hem praten over het hele verhaal. Ik ken hem al een jaar of 12 en er is sprake van enig vertrouwen. We kennen elkaar een beetje. Ik wilde weten wat hij persoonlijk, maar wel als medicus, van mijn time out vond. Als medicus die niet een specialist is.

Medisch gaf hij het me recht voor zijn raap: zijn persoonlijk advies was niet snijden, laten zitten. En mijn radicale oplossing was al helemaal geen optie voor hem. Dit zuiver op grond van de medische aard van de knobbels die er nu zitten. Die zijn het wegsnijden niet waard. Maar hij begreep wel dat het daar eigenlijk niet om gaat. Hij begreep dat de medische aard van het huidige probleem lang niet de lading van mijn probleem dekt.

Het gaat om het feit dat ik een verhoogde kans heb en dat het de derde keer is dat ik een knobbel voel. Het doet er niet toe dat het de eerste twee keren wel weggesneden moest worden ‘omdat het kwaadaardig kon worden’. Het doet er niet toe dat het deze keer het wegsnijden niet waard is. Het gaat er om dat, omdat ik een verhoogde kans heb, de bodem elke keer onder me vandaan wordt geslagen als ik een knobbel voel. Het gaat er om dat ik vrees voor mijn leven en voor mijn opgroeiende kinderen elke keer als ik een knobbel voel. Ooit als ik wat voel, kan het zomaar een slechte zijn. Het gaat om die angst in combinatie met de pech dat ik al drie keer aan de beurt ben geweest voor ‘onschuldige’  knobbels.
Het gaat om het feit dat ik elk jaar op controle moet. Het doet er niet toe dat het deze keer een veel voorkomende kwaal is. Het gaat om het feit dat ik, in tegenstelling tot vele anderen die dezelfde kwaal hebben,  elk jaar op controle moet ‘omdat ik een verhoogde kans heb’.
Het gaat om het feit dat ik overeind moet blijven omdat ik een groot gezin heb. En overeind blijven betekent ook emotioneel overeind blijven. Ik weet niet of ik een jaarlijkse controle aankan. Ik zie het al helemaal voor me: de twee weken voorafgaand aan de afspraak ben ik een stresskip en tijdens de 1, 2, 3 weken wachten op de uitslag ben ik een emotioneel wrak. Dan ben ik geen lieve Vrouwlief en dan ben ik een rotmama. Ik weet niet of ik dat aankan.

Mijn huisarts keek me aan en piekerde. Hij is een principiële man en een conservatieve arts. Maar hij zag mijn probleem. Hij zei: “jouw borsten zijn een last voor je geworden in plaats van een onderdeel van je lichaam.” Hij is tegen snijden: “wat nou als je volgende keer een uitslag ‘pap 2′ hebt? Wil je dan ook maar meteen gaan snijden?” (Ja maar, met pap 2 ben ik een gewone vrouw, met dezelfde eerlijke of oneerlijke kansen als de rest. Met mijn borsten hangt dat zwaard boven mijn hoofd.) Mijn arts had me begrepen en hij keek me aan en hij piekerde.

Hij zei na een paar minuten: “Je komt er niet automatisch voor in aanmerking, maar in dit geval ga ik mijn best voor je doen. Geef me een paar dagen en dan ga ik een afspraak bij genetica voor je proberen te regelen.”

Uiteraard zeggen genen ook niet alles, maar mijn probleem wordt voor een belangrijk deel door kans en statistiek beïnvloedt. Zou ik met knobbels kunnen leven als ik weet dat ik ‘die’  bewuste genen niet heb en mijn kansen bijna die van elke andere willekeurige vrouw zijn? Zou ik mijn knobbels als veel voorkomende kwaal kunnen zien? En wat betekent het eigenlijk precies voor de risico’s als het wel in de familie zit, maar niet genetisch? Daar kan die meneer van genetica mij vast wel een antwoord op geven. ik heb al een heel lijstje met vragen voor die meneer van de genetica.

Ladies and gentlemen: we got a loophole! ’s Avonds keek ik naar mezelf in de spiegel en de woorden van de huisarts echooden door mijn hoofd: ze zijn een last voor je geworden en niet meer een onderdeel van je lichaam. En ik keek met een nieuwe invalshoek naar mijn borsten. Wat nou als het gewoon borsten waren en geen gedoe?